Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Werkdruk heb je deels zelf in de hand
Taakeisen en hulpbronnen in balans brengen

Werkdruk heb je deels zelf in de hand

Auteur: Marijke Nijboer

De werkdruk in het onderwijs is berucht. Overkomt dat de sector, of hebben onderwijsprofessionals hier zelf ook een aandeel in? “De druk van de omgeving zal altijd blijven. Het gaat erom hoe je ermee omgaat.” Wanneer taakeisen en hulpbronnen met elkaar in evenwicht zijn, ontstaat ruimte voor bevlogenheid.
 
Er wordt te vaak gedaan alsof werkdruk je overkómt, zegt Marius Wouters, directeur van basisschool de Leilinde in Reusel. “Dat zie je in de media, maar ook bij de Arbomeester (online instrument waarmee basisscholen werkgerelateerde risico’s kunnen inventariseren en evalueren, red.). Met een vraag als ‘heeft je leidinggevende voldoende aandacht voor het reguleren van het werk’ ontneem je mensen hun autonomie.” En dat terwijl leraren in de klas juist de autonomie en competentieontwikkeling van kinderen stimuleren. Die kwaliteiten moeten we ook bij henzelf stimuleren, vindt Wouters. “Scholing is belangrijk. Als er een probleem speelt, kun je je daarin ontwikkelen. Vervolgens groeit je autonomie. We moeten ook investeren in coping: het goed omgaan met je werk. De druk van de omgeving zal altijd blijven. Het gaat erom hoe jij daarmee omgaat.”

Tal van onderzoeken laten inderdaad zien dat mensen hun werkdruk beter aankunnen wanneer zij putten uit goede hulpbronnen. ‘Professioneel vermogen’, noemen onderzoekers dat: het positief omgaan met lastige eisen en uitdagende opdrachten. In een onderzoek1 scoorden 1.271 leraren en leidinggevenden in het primair onderwijs hierop ‘matig vermogend’ (3,5 op een 7-punt schaal). Het best scoorden leraren die gebruik maken van hun externe netwerken en steun en advies van collega’s, die voldoende training krijgen en zelf kunnen beslissen hoe ze hun werk uitvoeren. Professioneel vermogen zorgt voor bevlogen leraren én is goed voor de onderwijskwaliteit. Leraren die zich meer uitspreken en beter zijn in het balanceren van verschillende conflicterende belangen, presteren beter, blijkt uit het genoemde onderzoek.
 
Disbalans
Soms sneeuwt het werkplezier onder. Veel onderwijsgevenden kampen met een burn-out. Dat komt meestal door een disbalans tussen de taakeisen en de beschikbare hulpbronnen, zegt prof. dr. Arnold Bakker, verbonden aan de vakgroep Arbeids- en Organisatiepsychologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Taakeisen zijn bijvoorbeeld werkdruk en taken die emotioneel, mentaal of fysiek veel van iemand vragen. Om die taakeisen te vervullen kunnen leraren putten uit hulpbronnen zoals autonomie, feedback, coaching en hun eigen optimisme en stressbestendigheid. Wanneer taakeisen en hulpbronnen met elkaar in evenwicht zijn, ontstaat er ruimte voor bevlogenheid.

Een schoolleider die wil weten hoe het zit met deze balans in zijn team, kan daarvoor een speciale vragenlijst gebruiken. “Je kunt daar eventueel met hulp van een procesbegeleider een workshop aan vastknopen waarin je problemen inventariseert en oplossingen bedenkt”, zegt Bakker. Dat werkt echter pas wanneer je team het nut daarvan inziet, merkte schoolleider Wouters. Hij liet voor zijn team een aanbod ontwikkelen over werkdruk en bevlogenheid. “Dat viel niet in goede aarde. De geesten moeten echt nog gerijpt worden. Als iedereen vraagt wat jouw directeur doet om de werkdruk te verminderen, gaat dat tussen de oren zitten.” Het aanbod werd omgebogen naar video-interactiebegeleiding aan de hand van vragen van leerkrachten. Dat viel wél goed.
Prof. dr. Bakker maakt onderscheid tussen uitdagingen en barrières. Uitdagingen kunnen leiden tot bevlogenheid: het starten van een nieuw project, bezig zijn met een interessant probleem. “Barrières zijn zaken als bureaucratie, je aan veel regels moeten houden, een veel te hoge werkdruk terwijl de ondersteuning, bijvoorbeeld de ict, niet op orde is. Dat kan het enthousiasme enorm dempen.” Van die barrières moet je af, maar dat is lastig omdat ze vaak van buiten komen. “Richtlijnen voor hoe je les moet geven of voor het bijhouden van administratie hebben wel een functie, maar soms worden het er sluipenderwijs steeds meer. Daar zou de overheid nog kritischer naar kunnen kijken.”
 
Onderneem actie
Leraren kunnen ook zélf zorgen dat hun werk doenlijk blijft. “Boor hulpbronnen aan en onderneem actie”, adviseert Bakker. “Vind je dat het de spuigaten uitloopt met de regelgeving? Ga dan bijvoorbeeld in gesprek met het ministerie* of de sectorraad.”
Met een actieve houding schep je ruimte voor meer werkplezier en misschien zelfs extra activiteiten. Want ze zijn er, de leraren die naast hun werk bijvoorbeeld bloggen, lesmateriaal maken of boeken en columns schrijven. Erik Roosken, leerkracht op obs Rhoon-Portland, bekritiseerde eerder de houding van zijn beroepsgroep ten opzichte van werkdruk in een opiniestuk voor De Volkskrant (januari 2016). “Je moet zelf je administratie in toom houden”, vindt hij. “Alle schriften nakijken is niet nodig. Er zijn drukke momenten, maar die kan je een jaar van tevoren zien aankomen. Ik doe wat ik nuttig vind voor de klas. Dingen waarvan ik het nut betwijfel, doe ik niet. Of ik kaart ze aan bij mijn leidinggevenden.”

Hij vervolgt: “Leraren denken dat er van alles moet van de inspectie. Soms horen ze dat van de directie of het bestuur. Maar zoek dat eens op: het valt reuze mee wat er echt moet.” Zijn advies: “Als jij bepaalde dingen niet goed vindt, moet je die aan de kaak stellen. Maar het moet van twee kanten komen. De regering, schoolbesturen en -directeuren moeten leerkrachten ook minder onnodige taken opleggen.”

Een goede vakopleiding zou volgens hem de werkstress flink terugdringen. “Zelf heb ik op de pabo weinig meegekregen waar ik nu nog wat aan heb. Wat ik vooral heb gemist: alles om het onderwijs heen. Hoe je moet omgaan met ouders en anderen die eisen stellen aan jouw werk. Hoe je je werk zo organiseert dat ook leerlingen die extra hulp nodig hebben, aan hun trekken komen. Gelukkig is men druk bezig met het verbeteren van de pabo.”
 
Preventie
De Arbodienst richt zich niet direct op preventie, zegt arbeidspsycholoog Bakker. “Daar werken dokters, die bezig zijn met het beter maken van zieke mensen.” Dat is ook de ervaring van schoolleider Wouters. Hij zou leerkrachten daarom graag op gezette tijden laten praten over werkdruk met een arbeidspsycholoog. “Maar mijn collega-directeuren en het bestuur moeten wennen aan het idee van dergelijke preventieve gesprekken.” Bakker: “Je kunt inderdaad beter al tevoren kijken hoe je het werk optimaal kunt inrichten. Stress, werkdruk, hulpbronnen en motivatie hangen sterk met elkaar samen. Daarom zou het logisch zijn om arbotaken te vervlechten met human resource management.”

Leerkracht Roosken ziet redenen genoeg om bevlogen te blijven. “De leerlingen, daar doe je het voor. Meer motivatie heb ik niet nodig. Net als bij elk ander werk zijn er momenten die niet leuk zijn, maar dit is meestal hartstikke leuk werk.” _
 
* Ideeën voor het vervolg van Operatie Regels Ruimen zijn welkom bij OCW via begeleidingregeldruk@minocw.nl, zie ook www.leraar.nl/operatieregelsruimen
 
‘Pas de cao goed toe’
 
AVS-adviseur en -trainer Jan Stuijver: “De CAO PO 2016 – 2017 biedt alle voorwaarden om de werkdruk te kunnen verlagen: de jaartaak, het overlegmodel en de achturige werkdag.” Voor verlaging van de werkdruk is volgens hem cruciaal dat de ‘niet-lestijd’ goed wordt benut. Bijvoorbeeld de woensdagmiddag (op scholen die daar nog mee werken). “Gebruik die tijd voor vergaderingen, teamoverleg en werkvoorbereiding.”

Stuijver adviseert ook om leraren een werktijdfactor te geven die recht doet aan het feit dat leraren naast lesgeven nog andere taken hebben. Daarnaast kan het overlegmodel het werkplezier bevorderen. “Werkgever en werknemer overleggen: wat komt jou het beste uit en hoe gaan we dat organiseren? Daarbij is het collectieve belang het uitgangspunt. En gebruik het taakbeleid: jij geeft graag les en steekt daar meer tijd in, je collega is goed in organiseren. Je kunt ook ouders inzetten bij bijvoorbeeld festiviteiten.”

Werkdruk hoort erbij, vindt hij. “Werken in het onderwijs is je druk maken om het welbevinden van kinderen. Een juiste invulling van de jaartaak is een goed hulpmiddel. Dan zie je wel degelijk een verschil. Leraren willen meer overleg, meer samenwerken, meer tijd voor zaken rondom de klas. Dat lukt onvoldoende vanwege de vele deeltijders die elkaar niet tegenkomen. De oplossing kan zijn: op vast een moment dat er geen les gegeven wordt tijd inruimen voor overleg. En denk na over een norm voor het aantal deeltijders in de school.”
 
Van werkdruk naar gedeelde arbeidsvreugde
AVS-adviseur Jan Stuijver verzorgt de training ‘Jaartaak in het primair onderwijs – van werkdruk naar gedeelde arbeidsvreugde’ en schreef de gelijknamige publicatie.

Downloads en links
Gepubliceerd op: 30 september 2017
Neem contact op met de AVS Helpdesk

Vermeld altijd uw lidmaatschapsnummer als u contact opneemt met de Helpdesk.

Leden van de AVS kunnen de Helpdesk bellen met uiteenlopende vragen over vakgerelateerde zaken. Iedere maand wordt één vraag beantwoord in Kader Primair.

Bereikbaarheid
De Helpdesk van de AVS is op de volgende dagen en tijdstippen bereikbaar voor leden:

Maandag:
13.00 - 16.30 uur.
Dinsdag tot en met vrijdag:
9.30 - 12.30 uur en 13.00 - 16.30 uur.

Telefoon: 030-2361010 of helpdesk@avs.nl

Verschenen in

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

Naar andere schooltijden, en dan? (Herziene versie september 2018)