Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Uit de bestuurlijke comfortzone
Anders aanvliegen strategisch beleidsplan

Uit de bestuurlijke comfortzone

Auteur: Susan de Boer

Onderwijscafés en heisessies met alle betrokkenen bij de school kunnen leiden tot input voor het strategisch beleidsplan. Dat is de vernieuwende, effectieve aanpak van Stichting OPO Wolderwijs en SCPO Noordoostpolder. Uitgangspunt: het beleidsplan moet zijn van degenen die rechtstreeks te maken krijgen met de uitvoering ervan.

“Wij willen luisteren naar wat medewerkers en betrokkenen te zeggen hebben en hun ideeën serieus nemen”, zegt Martijn Mulder, algemeen directeur van de stichting Wolderwijs in de Drentse gemeente De Wolden. “Daarom hebben we leraren, directeuren, bestuurders, ouders, leerlingen en extern betrokkenen gevraagd om met ons te komen praten over de beelden die leven van Wolderwijs en over het verbeteren van ons onderwijs. Dat worden de ingrediënten voor het strategisch beleidsplan voor de periode 2015-2019.” Wolderwijs organiseerde eind 2014 zes keer een onderwijscafé en nodigde per bijeenkomst de verschillende doelgroepen uit. In de cafés gingen de deelnemers aan de hand van stellingen met elkaar in gesprek. “We hebben gesproken over landelijke en regionale ontwikkelingen, over de vraag wat goed onderwijs is, over het ‘merk’ Wolderwijs en hoe dat beeld verstevigd kan worden”, vertelt Mulder. “Over de meeste zaken zijn we het wel eens, maar we hebben niet altijd dezelfde verwachtingen.

We hebben ook gepraat over wat ouders van de school kunnen verwachten en omgekeerd.” De schoolleiders bespreken de uitkomsten van de cafés op een studiedag. Mulder: “Zo krijgen we draagvlak in alle geledingen. De bedoeling is dat het beleidsplan niet in een la belandt, maar dat mensen het ook echt gebruiken als richtsnoer bij te nemen beslissingen en bij het samenstellen van het schoolplan.”

Midden in maatschappij
“Van iedere school waren er wel een paar ouders”, zegt Harmke van Engelenhoven, lid van de Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad. “We hebben onder meer gebrainstormd over de toekomst van het onderwijs. Dat zal bijvoorbeeld vaker digitaal plaatsvinden, waarbij leerlingen meer zelfstandig gaan leren. Voor mij is belangrijk dat er naar de ouders geluisterd wordt, dat we niet aan de zijlijn staan.” Ook Fokelien Robijns is enthousiast over de aanpak. Zij is zelfstandig psycholoog/orthopedagoog en nam deel aan de bijeenkomst voor externen. “Ik vind het goed dat Wolderwijs op deze manier laat zien midden in de maatschappij te staan. Er waren mensen van de kinderopvang, de bibliotheek, creatieve organisaties, enzovoort. We hebben onder meer gediscussieerd over de maatschappelijke opdracht van het onderwijs: daar werd aan mijn tafel genuanceerd over gedacht. De opvatting dat de school kinderen geletterd en gecijferd moet maken, geldt niet even sterk voor iedereen.” Schoolleider Valentine de Ruyter van obs De Horst in De Wijk: “De directeuren hebben zich verdeeld over de verschillende cafés en daarna, op de studiedag voor directeuren, hebben we met elkaar de invalshoeken besproken. Er zijn veel raakvlakken. Zo vindt iedereen dat we de komende tijd veel aandacht moeten besteden aan nieuwe media en informatietechnologie. Ook over de rol van ouders zijn interessante dingen gezegd. Zij weten zoveel over hun kind, daar kunnen we veel meer gebruik van maken. Daarnaast neem ik de input van de leraren heel serieus. Wij zijn ons er als team van bewust hoe belangrijk een school is voor het leven van het kind.” Naast de onderwijscafés voor volwassenen werden er voor de leerlingen workshops georganiseerd. In moodboards, met tekeningen, muziek, drama of al filosoferend geven leerlingen aan wat zij belangrijk vinden. Vooral nieuwe media – allemaal een Ipad! – creatieve vakken en langere pauzes scoren hoog.

Rode draad
In de cafés zijn niet alleen de bouwstenen verzameld voor het beleidsplan, er is ook een prioriteit aan toegekend. Wat moet er de komende jaren echt gebeuren? “We hebben een werkgroep samengesteld die de rode draad gaat ontdekken”, zegt Mulder. “Die komt terug in het beleidsplan. We kunnen niet alles realiseren, dat hebben we van tevoren ook aangegeven. Maar we hebben voldoende reserves om een goed strategisch beleidsplan neer te zetten en uit te voeren. Daarnaast moeten de scholen ook een Schoolplan 2015-2019 maken. Als het goed is zijn die twee plannen met elkaar vervlochten, al zullen de scholen ook eigen accenten leggen. Thema’s die waarschijnlijk een belangrijke plaats krijgen, zijn omgaan met ouders en communicatie. We hebben de laatste vijf jaar veel bereikt op het gebied van kwaliteit en dat willen we laten zien.”

Meerdaagse conferentie
Ook de Stichting voor Christelijk Primair Onderwijs in de Noordoostpolder SCPO-NOP vindt dat het belangrijk is om te luisteren naar de opvattingen van medewerkers en andere betrokkenen bij het onderwijs. Voorzitter van het College van Bestuur Adriaan van Hove heeft vier jaar geleden zelf in zeven vergaderrondes een beleidsplan in elkaar gezet. “Dat vind ik, achteraf gezien, een minder zinvolle route. Ik wil het nu over een andere boeg gooien.” Van Hove heeft een conferentie van drie dagen – van woensdagmiddag tot en met vrijdagmiddag – georganiseerd voor ruim dertig deelnemers: directeuren, teamleden en extern betrokkenen. “Ik heb doordacht uitgenodigd. Van iedere school een paar collega’s, daarnaast externe betrokkenen en de medewerkers van het bestuurskantoor. Ik zocht vooral mensen met een helikopterview. Voor ouders en leerlingen organiseren we begin dit jaar een onderwijscafé. Je kunt van ouders niet vragen om zich zo lang vrij te maken en ook voor de kinderen moet je het anders aanpakken.” De woensdagmiddag en -avond worden besteed aan kennismaken. Donderdag en vrijdag gaat het gezelschap aan de slag met thema’s en analyses. In workshopachtige groepjes, maar ook in de vorm van limericks en schilderijen, worden ideeën ‘opgehaald’. “Ik vind het zo goed dat ze uit hun comfortzone komen”, zegt Karen Anne van Dorp, directeur/bestuurder van de Stichting Kinderopvang Noordoostpolder. “Ik heb kennisgemaakt met leraren en directeuren en dat praat meteen makkelijker als het gaat om de relatie tussen de buitenschoolse opvang die wij organiseren en het onderwijs op de scholen. We willen op termijn een Integraal Kindcentrum in de Noordoostpolder starten. Ik zie wel een intensieve samenwerking voor me, zowel op de werkvloer als op strategisch niveau.”

Frisse geluiden
“Het was verfrissend om mensen van buiten de stichting te spreken”, vertelt Sicco Schoonewille, directeur van cbs De Schalmei in Bant. “Ik heb bijvoorbeeld gepraat met de directeur van een peuterspeelzaal over visies op opvoeding en onderwijs. Misschien willen we een ander onderwijsconcept invoeren en meer samenwerken met andere organisaties. Ik ga de uitkomsten ook zeker bespreken in het team en vertalen in het schoolplan. Ik wil het gevoel van enthousiasme vasthouden en echt met de toekomst aan de slag.” Ook Dorien Bosselaar, leerkracht op cbs De Koperwiek in Emmeloord is te spreken over de aanpak. “Ik ben leraar op een redelijk vernieuwende school, maar de stichting als geheel vind ik vaak wat behoudend. Nu hoorde ik allerlei frisse geluiden. Ik ben erg benieuwd hoe de praktijk straks zal zijn. Sommige directeuren denken nog heel traditioneel, het vraagt wel wat om echt te vernieuwen. Op mijn eigen school wil ik nu ook een bijeenkomst organiseren. We moeten aan de slag met 21st century skills. Dat kunnen we, dat weet ik zeker. De meerdaagse heeft mijn betrokkenheid zeker vergroot!”

Petit fourtjes
Mensen uitgebreid met elkaar in contact laten komen, was expliciet een van de doelen van de meerdaagse conferentie. Adriaan van Hove: “We hebben in deze regio te maken met een krimpsituatie. We moeten toe naar meer samenwerking, met partners van buiten het onderwijs en met scholen van andere besturen. We doen al wel veel, maar het blijven vaak losse projecten. Op de conferentie zag je het verband. Daardoor ontstond saamhorigheid. Er is zoveel energie vrijgekomen die we kunnen benutten.” Zowel Van Hove als Mulder van Wolderwijs benadrukt het belang van een prettige en enigszins luxueuze omgeving voor dit type bijeenkomsten. Ook moet er een mix zijn van inspanning en ontspanning. “Je moet de mensen een beetje verwennen. We hadden petits fourtjes met ‘welkom’ erop bij de koffie, er was muziek en na afloop kregen de deelnemers Drentse hapjes mee naar huis”, vertelt Mulder over de onderwijscafés. Van Hove: “De locatie lag prachtig, midden in het bos. Mensen konden wandelen tussendoor, er was een goede catering en tot slot kreeg iedereen een fles in de polder geproduceerde wijn. Dat lijkt triviaal, maar het helpt.”

“Deze twee bestuurders hebben een aanvliegroute gekozen die de medewerkers in de organisatie betrekken bij het strategisch beleid van de komende jaren”, zegt AVS-adviseur Ruud de Sain, die de onderwijscafés en de heisessies begeleidde. “Zij tonen lef door de bestuurlijke comfortzone te verlaten: de aanvliegroute bepaalt immers de kwaliteit van landing. Vaak is een strategisch beleidsplan een top down verhaal, terwijl het de mensen op de werkvloer zijn die het beleid handen en voeten geven, de resultaten behalen en de sfeer creëren.”

Voor meer informatie en advies over het anders aanvliegen van het strategisch beleidsplan kunt u terecht bij de AVS.

Gepubliceerd op: 6 februari 2015

Verschenen in

Kader Primair 6 (2014-2015) (Verder in dit nummer)

Thema's

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

Op naar een integrale aanpak (Ontschotting in het sociale domein)