Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Steeds meer nadruk op leren op de crèche
Tegengeluid: brein peuters en kleuters nog niet toe aan cognitieve vaardigheden

Steeds meer nadruk op leren op de crèche

Veel kinderdagverblijven en peuterspeelzalen in Nederland leggen steeds meer nadruk op leren in hun opvangprogramma. Doel is om zo de kleintjes een betere aansluiting te geven met de basisschool. Toch is niet iedereen het daarmee eens. “Aandacht voor taal en rekenen is bij peuters en kleuters verloren moeite”, aldus Eugénie de Bresser, directeur/eigenaar van SKS Alles Kids, in NRC.

Kinderdagverblijven die zijn overgestapt naar deze nieuwe, speelse manier van leren, zijn van mening dat de hersens zich van jongs af aan ontwikkelen door informatie te stapelen. “Uit onderzoeken blijkt dat 0 tot 4 jaar belangrijke jaren zijn om een basis te leggen, waarop kinderen hun hele leven doorbouwen”, verklaart Constance Jacobson, projectleider Educatie van de brancheorganisatie voor kinderopvang, in het AD. Hoeveel kinderdagverblijven al overgestapt zij naar deze nieuwe, speelse manier van leren, is niet bekend.

Het ministerie van Sociale Zaken vindt het een goede ontwikkeling en heeft 200 miljoen euro uitgetrokken, onder andere om pedagogisch medewerkers bij te scholen, meer (vaste) leidsters op de babygroepen te zetten en de ontwikkeling van kinderen te volgen. In andere landen, zoals België en Duitsland, is het al heel gewoon dat baby’s, dreumesen en peuters niet alleen worden verzorgd, maar ook worden gestimuleerd in hun ontwikkeling. In Nederland bestaat alleen voor achterstandskinderen al jaren voor- en vroegschoolse educatie.

Onderwijs voor allerkleinsten nutteloos
Eugénie de Bresser, directeur/eigenaar van SKS Alles Kids, constateert, zo meldt NRC, dat er steeds meer ‘onderwijsachtige’ elementen in de educatieve programma’s sluipen. Die leggen vooral een sterkere nadruk op cognitieve leerdoelen zoals rekenen en taal, met vaste termijnen waarin die leerdoelen behaald moeten zijn en een bijbehorende periodieke toetsing. De Bresser meent dat de risico’s hiervan groter zijn dan veel politici en bestuurders denken en dan veel ouders zich realiseren.
Zij laat dat zien vanuit de voortschrijdende inzichten uit de ontwikkelingspsychologie en de neurowetenschap. We zijn volgens De Bresser namelijk nog niet goed in staat om precies aan te geven hoe het brein zich ontwikkelt en hoe (kleine) kinderen leren. “Met een verkeerde aanpak bereiken we namelijk niet alleen ‘geen effect’, maar kunnen we het leren ook verstoren en daarmee dus een negatief effect bereiken.” Volgens neurowetenschappers is het brein van peuters en kleuters nog niet toe aan cognitieve vaardigheden als taal en rekenen. Het kind is ontvankelijker voor het leren van zogenoemde executieve vaardigheden, zoals concentreren, vasthouden van aandacht, plannen en het weerstaan van verleidingen (ook wel ‘zelfsturing’ genoemd).

Ook aan toetsing zitten risico’s. Hiermee zijn de sociaal-emotionele ontwikkeling en vooral de executieve vaardigheden niet te meten. Een ander negatief effect is, dat met toetsing het vrije spel van de peuter en kleuter wordt verstoord. Voorwaarde voor leren bij deze kleintjes is namelijk dat het ‘spelgestuurd’ moet zijn: met een positieve emotie, met eigen aanpassingsmogelijkheden en vooral met plezier. Dat moet je niet verstoren met toetsen of een druk op resultaten, aldus De Bresser.
 

Gepubliceerd op: 23 augustus 2016

Thema's

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

De jaartaak in het primair onderwijs (Nieuwe versie juni 2019)