Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Pestgedrag verklaard
Column

Pestgedrag verklaard

Auteur: Jos Hagens

De politiek in Nederland is in mijn ogen buitengewoon sterk in het roepen om generieke oplossingen voor extremen – ‘dit mag nooit meer gebeuren’ – en in het roepen om antwoorden voordat iets een probleem is – ‘het moet anders’. Enkele voorbeelden:

• De laatste avond van het Pinkpopfestival 2014 was er een weeralarm voor zwaar onweer. Het festival verloopt desondanks prima en het slotoptreden kan gewoon doorgaan. Toch focusten de media en dus de politiek zich vooral op wat er allemaal niet had kunnen gebeuren en wat er voor dat geval beter zou zijn geweest.

• Tijdens een oudejaarsnacht ontstaat er door onachtzaamheid een brand in een café in Volendam, met vreselijke gevolgen voor de slachtoffers. Vervolgens worden alle horecagelegenheden in heel Nederland gedwongen tot het nemen van bijna onuitvoerbare veiligheidsmaatregelen.

• Enkele tieners plegen zelfmoord en verwijzen in hun afscheidsbrief naar het feit dat ze vreselijk gepest werden. Vooropgesteld: vreselijk dat het gebeurt. Het blijven echter extremen. Maar alle scholen worden wel geacht om een – mogelijk  vanuit de overheid voorgeschreven – antipestprogramma te gaan gebruiken. 

Ontwikkeling van gedrag
De ontwikkeling van gedrag is een combinatie van groei en leren. Uit de ontwikkelingspsychologie weten we dat kinderen rond de twee jaar het verschil tussen ‘ik’ en ‘jij’ ontdekken. Aan het begin van de schoolperiode leidt dat tot een vergelijken van jezelf met anderen. Uit onderzoek blijkt dat jonge kinderen van nature meer positief (sociaal) dan negatief (agressief ) zijn. Agressie, mag je dus concluderen, is vooral de uitkomst van een leerproces. In de huidige maatschappelijke grondhouding in westerse gemeenschappen leer je jezelf met de ander te vergelijken in termen van sterker-zwakker, beter-minder, leider-volger. Oftewel: sociaal gedrag wordt competitief gedrag. En die competitie begint thuis. Doorslaggevend daarbij is de respons van volwassenen. De meeste ouders van nu zijn grootgebracht in een wereld van opkomen voor jezelf en zullen competitief gedrag eerder aanmoedigen dan ontmoedigen. Ontwikkelingspsychologisch zijn er nog twee belangwekkende onderzoeksuitkomsten. Het eerste is dat het instrumentarium dat kinderen hanteren vanaf vier jaar verandert. Vanaf die leeftijd gaat vooral de taal een belangrijke rol spelen in conflicten: van slaan en schoppen naar schelden. Het tweede is dat vanaf vier jaar conflicten langer gaan duren. In die langduriger conflicten loopt het verbaal reageren makkelijker uit op fysiek reageren.

Dus: sociaal gedrag is in hoge mate geleerd gedrag, en dat leren wordt mede richting gegeven door de reactie van volwassenen/opvoeders. En kinderen vergelijken en meten zich met elkaar om een plek in de sociale rangorde te verwerven (net als apen). Die vergelijkingen en metingen worden geleerd in een competitie waarbij volgens het recht van de sterkste zwakheden in de ander uitgebuit
moeten worden. Zo ontstaat een gedrag dat we pesten noemen. Hiermee geven we een natuurlijk gedrag (apen ‘pesten’ immers ook) een beladen naam.

De lessen die we hier uit kunnen leren:

• Antipestprogramma’s blijven oplossingen voor randverschijnselen van een maatschappelijk probleem. Te veel kinderen leren (thuis en via de media) dat je vooral voor jezelf op moet komen om succesvol te zijn, ook als dat ten koste gaat van een ander.
• Programma’s over pesten zouden een slag dieper moeten gaan en vooral ook de bewustwording over hoe we met elkaar omgaan aan de orde moeten stellen. Gesprekken met ouders daarover zijn daarbij onmisbaar.
• Om snel en meer preventief te kunnen reageren op pesten, is het kennen van de positie van de leerling in de groep (bijvoorbeeld, impopulair, buitengesloten) nuttig. Sociometrische onderzoek is daarvoor een goed instrument.
• Als antipestprogramma’s niets doen aan de onderliggende, aangeleerde gedragscomponent, zullen het pleisters op de wonden blijven. En misschien zelfs aandacht geven aan iets waar veel leerlingen helemaal niet mee bezig zijn. En waar aandacht naartoe gaat, dat groeit…

Gepubliceerd op: 4 september 2014
Let op!
Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.

Verschenen in

Kader Primair 1 (2014-2015) (Verder in dit nummer)

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

Goed onderwijs, goede MR (8e herziene uitgave september 2019)