Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Peentjes zweten in benauwde klas
Binnenmilieu wordt vergeten bij nieuwbouw en renovatie

Peentjes zweten in benauwde klas

Energiebesparing staat voorop bij de nieuwbouw en renovatie van schoolgebouwen. Dat is goed voor het milieu, maar slecht voor leraren en leerlingen: aan het binnenmilieu wordt vaak nauwelijks gedacht. Uit onderzoek blijkt dat scholen die met beide factoren rekening houden, uiteindelijk goedkoper uit zijn.
 
Een goede isolatie van het schoolgebouw is weldadig voor de energierekening. Maar in die potdichte klaslokalen worden kinderen en leraar vaak suf van de warmte en het oplopende zuurstofgebrek. Dat is onaangenaam en de onderwijsprestaties lijden eronder.
 
Waarom wordt bij nieuwbouw en renovatie niet meer rekening gehouden met het binnenmilieu? Ferdie van de Winkel van Stichting OPTI-School: “Vanuit de rijksoverheid wordt de nadruk gelegd op energiebesparing, met allerlei voorwaarden waar nieuwbouw aan moet voldoen. Bovendien kun je bij energiebesparende maatregelen een duidelijke analyse van de kosten en baten maken. Dat is aantrekkelijk voor schoolbesturen. Bij het leerklimaat is dat veel lastiger.”
Door de uitstekende isolatie van nieuwere gebouwen neemt de binnentemperatuur snel toe. “Dan wordt er soms weer gekoeld met airconditioning. Dat gaat dan weer ten koste van de energiebesparing. Het is een vicieuze cirkel”, verzucht Van de Winkel.
 
Integrale benadering goedkoper
OPTI-School en de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e) brachten afgelopen voorjaar een white paper naar buiten. Zij verwijzen naar andere onderzoeken waaruit blijkt dat een goed binnenmilieu essentieel is voor de gezondheid van de gebruikers van het gebouw en voor hun prestaties. Vervolgens vergelijken zij de kostenbesparingen van renovaties gebaseerd op energiebesparing of binnenmilieu en op beide factoren. Daarbij zijn de effecten op ziekteverzuim, productiviteit en leerprestaties meegewogen. De conclusie: een integrale benadering, waarbij rekening wordt gehouden met energiebesparing én binnenmilieu, is uiteindelijk 8 procent goedkoper dan een alleen op energiebesparing gerichte aanpak.
 
De Algemene Rekenkamer geeft schoolgebouwen gemiddeld een 6+. Dat is een krappe voldoende, maar Van de Winkel noemt het ‘de slechtste uitkomst die je je kunt indenken.’ “De reactie is dan: dit kan er nog mee door, we hebben voorlopig andere prioriteiten. Maar bedenk dat die 6+ een gemiddelde is: er zijn ook scholen die een 4 of minder scoren.”
 
Vaak hebben scholen wel een mechanisch systeem voor de luchtverversing, zegt hij. “Zo’n systeem heeft sensoren om de luchtkwaliteit en temperatuur te meten en regelen, maar die zijn vaak zo onnauwkeurig of slecht onderhouden dat ze de verkeerde signalen geven en de ventilatie niet goed aansturen. Scholen gaan vaak helemaal af op zo’n systeem en hebben niet in de gaten dat personeel en leerlingen last hebben van een slecht binnenklimaat.”
 
Maak adviseur verantwoordelijk
Bij renovatie en nieuwbouw nemen schoolbesturen vaak een adviseur in dienst. Van de Winkel: “Zij brengen het probleem in kaart en dragen een oplossing aan. Maar ze hebben meestal geen resultaatverplichting. Wij adviseren om de adviseurs samen met de installateurs ook verantwoordelijk te stellen voor de functionering. Dan zullen ze betere keuzes maken.”
 
Er is geen keurmerk voor deze adviseurs. Kenniscentrum Ruimte-OK en Stichting OPTI-School proberen samen om het kaf van het koren te scheiden. Zij vragen scholen om hun praktijkervaringen kenbaar te maken. De stichting helpt schoolbesturen en gemeenten desgevraagd bij het aansturen van adviseurs en installateurs.
De TU/e en OPTI-School adviseren scholen verder om (ook) niet blind te varen op de Frisse Scholen-richtlijn. Van de Winkel: “Frisse Scholen biedt drie keuzes voor de eisen ten aanzien van temperatuur, lucht, licht, geluid en energie: klasse A, B en C. Schoolbesturen vinden het lastig om zelf die keuze te maken en Frisse Scholen begeleidt daar niet bij; ook niet bij de afweging tussen energiebesparing en binnenklimaat. Dan zie je soms dat een schoolbestuur de ambities hoog stelt en voor A gaat, terwijl dat naderhand een te dure keuze blijkt en ambities worden bijgesteld of extra wordt bespaard op de verkeerde dingen.”
 
De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl), de ontwikkelaar van het programma van eisen van Frisse Scholen, herkent zich overigens niet in deze kritiek. Woordvoerder Tom Hoven: “Wij staan voor een goede combinatie van energiebesparing en binnenklimaat. Een integrale aanpak is hierbij essentieel. Zo kunnen energiebesparing en een goed binnenklimaat hand in hand gaan. Scholen kunnen voor een advies op maat gebruik maken van de subsidieregeling ‘Extern advies verduurzaming scholen’. Hier kan het binnenklimaat uiteraard in worden meegenomen.”
 
Van de Winkel van Stichting OPTI-School adviseert scholen om leraren en eventueel ouders en leerlingen te betrekken bij de bouw- of renovatieplannen. Zij kunnen goed aangeven hoe de kwaliteit nu is en hebben vaak creatieve ideeën. “Zo krijg je ook draagvlak voor de plannen”, zegt Van de Winkel. “Te vaak wordt er een school gebouwd waar leerkrachten niet tevreden over zijn.” Schoolbesturen kunnen bij OPTI-School terecht voor begeleiding bij onderzoek naar de functionering van het schoolgebouw en het maken van keuzes om de situatie te verbeteren. De stichting kan een proefopstelling bouwen voor het testen van een geplande aanpak en voor een second opinion zorgen.
 
 

Gepubliceerd op: 4 september 2017

Verschenen in

Kader Primair 1 (2017-2018) (Verder in dit nummer)

Thema's

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

Jaargids PO (2018-2019) (Met agenda en professionaliseringsaanbod)