Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Opheffen nullijn in 2014 sigaar uit eigen doos
Nationaal Onderwijsakkoord

Opheffen nullijn in 2014 sigaar uit eigen doos

De professionalisering van leraren, de komst van een professioneel lerarenstatuut, de aanpak van de werkdruk en de flexibilisering van de urennorm in het voortgezet onderwijs vindt de AVS positieve afspraken in het Nationaal Onderwijsakkoord. Maar er zijn ook kanttekeningen. “Het opheffen van de nullijn is een sigaar uit eigen doos”, aldus AVS-voorzitter Ton Duif.

Er wordt flink geïnvesteerd in de professionalisering van leraren. In 2017 moeten alle docenten bevoegd zijn en houden zij zelf – in navolging tot het schoolleidersregister – hun bekwaamheid bij in het lerarenregister. De inschrijving in het register wordt een voorwaarde voor toekenning van een lerarenbeurs, waarmee leraren hun kennis op hun eigen vakgebied kunnen verbreden. De werkdruk wordt aangepakt, het opstapelen van nieuwe beleidsvoornemens moeten worden voorkomen. De regeldruk en de administratieve lasten worden verminderd. Met de flexibilisering van de onderwijstijd in het voortgezet onderwijs komt er einde aan de jarenlange discussie over de urennorm. Er komt een jaarnorm van 1.000 uur gemeten over de hele schoolloopbaan. De tijd die hierdoor vrijkomt kunnen scholen inzetten voor werkdrukverlichting van teams.

BAPO
In het akkoord wordt de huidige BAPO-regeling afgeschaft, er komt een nieuwe seniorenregeling voor terug. De AVS is al lang van mening dat de huidige BAPO-regeling aan herziening toe is. AVS-voorzitter Ton Duif: “Zeker de ‘kleine BAPO’ is ons al lang een doorn in het oog.” De ledenraad van de AVS heeft zich hier ook voor uitgesproken. “Je kunt echter niet akkoord gaan met afschaffing van de huidige BAPO-regeling vóór er zicht is op hoe die nieuwe seniorenregeling er dan uit zal zien. Zo kan er een situatie ontstaan dat werkgevers en werknemers het niet eens worden en de BAPO-regeling zelf al is verdwenen. Daarmee verliezen werknemers elke onderhandelingspositie.”

Nullijn
Ook is er volstrekte onduidelijkheid over hoe er met de nullijn wordt omgegaan. Door het onlangs bereikte pensioenakkoord komen gelden beschikbaar, omdat de pensioenpremie daalt. De pensioenleeftijd wordt immers opgerekt van 65 naar 67 jaar en het opbouwpercentage gaat omlaag. Deze middelen hebben al een onderwijsbestemming en worden voor 30 procent door de werknemers opgehoest en voor 70 procent door de werkgevers. Duif: “Als met dit geld de nullijn wordt opgeheven, blijft het een sigaar uit eigen doos. Het blijft immers arbeidsvoorwaardengeld wat ter beschikking komt door een versobering van de pensioenregeling.” Vanaf 2015 wordt de nullijn opgeheven. Dat betekent dat de sector po tegen die tijd meer dan vijf jaar op de nullijn staat en de vo-sector vier jaar. “Dat is onverteerbaar.” Er komt 34 miljoen (0,2 procent van het loon) beschikbaar als de cao-tafels afspraken maken die de minister welgezind zijn. Dat is een unicum in de Nederlandse verhoudingen; op deze manier wordt de cao-tafel met geld onder curatele gesteld van de Hoftoren. “Dat vinden wij niet acceptabel en maakt duidelijk dat de bewindslieden de sectoren niet vertrouwen dat het akkoord volledig wordt uitgevoerd”, aldus Duif.

Blij is de AVS met de maatregel om 3.000 jonge leraren aan het werk te houden. Maar uit het Nationaal Onderwijsakkoord blijkt dat dit bedrag in 2015 en 2016 weer wordt wegbezuinigd. “Dat is niet investeren, maar uitlenen.” De AVS heeft ondanks alle positieve kanten ernstige bedenkingen bij het akkoord. Duif: “We gaan het er met onze leden over hebben.”
De Algemene Onderwijsbond (AOb), die het NOA niet ondertekende en voortijdig uit het overleg stapte, laat weten acties niet uit te sluiten.

Downloads en links
Gepubliceerd op: 19 september 2013
Let op!
Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.

Verschenen in

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

De jaartaak in het primair onderwijs (Nieuwe versie juni 2019)