Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Onderzoek naar moslimdiscriminatie in het vo

Onderzoek naar moslimdiscriminatie in het vo

Bijna twee op de drie docenten geeft aan in 2014 getuige te zijn geweest van incidenten in de klas die zij in verband brengen met moslimdiscriminatie. Dit blijkt uit het rapport van onderzoeksbureau Panteia onder bijna 500 vo-docenten, dat in opdracht van de Anne Frank Stichting en FORUM onderzoek deed naar moslimdiscriminatie in het voortgezet onderwijs.

Docenten die getuige waren van incidenten die zij in verband brengen met moslimdiscriminatie geven veelal les in het praktijkonderwijs of op het VMBO, in weinig stedelijk gebied (61 procent). Daders zijn over het algemeen autochtone jongens, slachtoffers zijn meestal jongens van Marokkaanse of Turkse komaf. Aanleiding voor een incident is veelal (media)aandacht voor overlast en crimineel gedrag van moslims. Ook aandacht voor terrorisme of terroristische organisaties in binnen- en buitenland wordt door docenten als mogelijke aanleiding van de incidenten gezien.

Vergelijkbaar
Het onderzoek is een vervolg op het onderzoek in 2013 naar antisemitisme in het voortgezet onderwijs. Uit het onderzoek naar moslimdiscriminatie en uit het onderzoek naar antisemitisme komt een vergelijkbaar beeld naar voren. Het gaat zowel bij moslimdiscriminatie als bij antisemitisme in de meeste gevallen om beledigingen en scheldpartijen, maar ook ernstigere incidenten zoals vernielingen en mishandelingen komen voor.

Ingrijpen

Docenten geven bijna allemaal aan in te grijpen bij discriminatie in de klas (94 procent). Dit doen ze met name door de daders mondeling terecht te wijzen of in gesprek te gaan met de betrokkenen in de klas. Vrijwel alle docenten geven aan waarde op hun school te hechten aan scholing over goede omgangsvormen, over stereotypering en beeldvorming en het voorkomen van discriminatie en vooroordelen. Meer dan de helft van de docenten wil over deze thema’s zelf ook voorlichting ontvangen. Ook geeft meer dan een derde aan behoefte te hebben aan informatie over moslims in Nederland en over de religie islam.
Opvallend is dat uit beide onderzoeken naar voren komt dat docenten de problematiek vooral generiek willen aanpakken. Niet de aandacht beperken tot één type discriminatie, maar een algemeen antwoord tegen alle vormen van discriminatie.

 
Dat discriminatie een belangrijk aandachtspunt blijft in het onderwijs, bleek ook uit recent onderzoek door het Sociaal en Cultureel Planbureau. 10 procent van de leerlingen in het vo geeft aan in 2013 te maken te hebben gehad met discriminatie.
 
Gepubliceerd op: 23 februari 2015

Doelgroep(en)

Voortgezet onderwijs

 

Deel dit artikel

Naar andere schooltijden, en dan? (Herziene versie september 2018)