Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Maximum aan beloning onderwijsbestuurders
Eindverantwoordelijk management

Maximum aan beloning onderwijsbestuurders

Auteur: Carine Hulscher-Slot

De Tweede Kamer stemde in december 2011 in met het voorstel voor de ‘Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector’ (WNT). Deze wet beoogt een maximum te stellen aan de beloning van bestuurders en toezichthouders, ook in het onderwijs. De wet treedt op 1 januari 2013 in werking. Wat betekent dit voor het primair onderwijs?

In de WNT is bepaald dat bestuurders maximaal 130 procent van het salaris van een minister mogen verdienen. Maar, op basis van de wet zijn ook lagere maxima mogelijk. Het kabinet benadrukt dat onderwijsinstellingen een publieke taak hebben en worden bekostigd met publiek geld. Onderwijsbestuurders moeten goed en maatschappelijk verantwoord worden beloond, maar het kabinet is zeer kritisch over bovenmatige topinkomens in het onderwijs.

Beloningsmaximum per sector
Voorafgaand aan de totstandkoming van het wetsvoorstel is bepaald dat alle onderwijssectoren onder het wettelijk maximum voor bezoldiging vallen. In de WNT is bepaald dat voor sectoren en instellingen een lager maximum dan de wettelijke norm kan worden vastgelegd. Minister Van Bijsterveldt heeft besloten van deze mogelijkheid gebruik te maken. Voor het bepalen van de maximum bezoldiging per sector heeft de ze door Alons & Partners Consultancy BV onderzoek laten doen  naar de zwaarte van bestuurdersfuncties in het (primair) onderwijs. De hoogst gewaardeerde functie in het po is een bovenschools manager/algemeen directeur op het niveau van schaal 14 (schaal DE). Dit maximum is vastgelegd in de wet- en regelgeving. Uit het onderzoek blijkt dat deze bezoldiging in de regel wordt toegekend aan een bovenschools directeur met een toezichthoudend bestuur van een groot aantal scholen, in een groot regionaal of grootstedelijk gebied met een diversiteit in onderwijssoorten. De onderzoekers melden dat deze functie niet heel veel voorkomt en dat deze vaak wordt gebruikt als opmaat naar een functie als voorzitter van een College van Bestuur. Zodra er sprake is van een bezoldigd bestuur is het maximale waarderingsniveau voor een directeur/ bovenschools manager schaal 13.

In het onderzoek is een aantal functies en waarderingsniveaus van bestuurders in de verschillende sectoren met elkaar vergeleken, per sector, en is er een vergelijking gemaakt met de marktsector. Ook is gekeken naar vergelijkbare functies in andere delen van de publieke sector en de semipublieke sector. Uit de vergelijking met de marksector trekken de onderzoekers onder andere de volgende conclusies:

• Uitgaande van alleen het vaste salaris is de beloning van onderwijsbestuurdersredelijk marktconform;
• De beloning (vast en variabel met compensatie) is in vergelijking voor de meeste onderwijsbestuurders aan de hoge kant.

Overigens, voor het po is een vergelijking met het topkader rijksdienst niet mogelijk en een vergelijking met doorgaans grotere en complexere uitvoeringsorganisaties beperkt. Daarom werd voor het onderzoek voor het po volstaan met FUWASYS.

Meer in evenwicht
Op basis van het onderzoek van Alons & Partners werd door de bewindslieden van het ministerie van OCW voor de sector primair onderwijs een beloningsmaximum van 153.000 euro per jaar inclusief pensioenbijdrage en onkostenvergoeding voorgesteld. Na overleg met de onderwijssectoren (lees: de PO-Raad voor de sector po) is dit maximum voor de sector po met 5 procent verhoogd tot 161.000 euro per jaar inclusief pensioenbijdrage en onkostenvergoeding. De bewindslieden kwamen tot deze beslissing omdat hiermee de maximale beloning van een bestuurder in het po meer in evenwicht is met het vo (vo: 179.000, mbo/hbo: 194.000, wo: 223.666). Ook heeft men laten meewegen dat besturen in het  basisonderwijs verplicht zijn om te zorgen voor opvang voor, tussen en na schooltijd, wat een verregaande strategische samenwerking met organisaties voor kinderopvang vraagt. Daarnaast wordt van besturen in het po gevraagd dat ze samenwerken met kinderdagopvang en peuterspeelzaalwerk. Het maximum van 161.000 euro zorgt volgens de bewindslieden voor een goede aansluiting met het loongebouw van de sector.

Beloningscode
Minister Van Bijsterveldt wil voorkomen dat er een opwaartse druk komt naar het beloningsmaximum. Daarom vindt zij een verdere indeling in salarisklassen via een beloningscode nodig. Het is aan de sectoren zelf om, uiterlijk 1 april 2012, afspraken te maken over deze code. Mocht dit niet tot het gewenste resultaat leiden, dan stelt de minister zelf een code vast. Voor het po is – onder andere in het kader van het overleg over de CAO-PO – al regelmatig gesproken over dit onderwerp. Het streven is om een nadere uitwerking te geven aan de beloningen van bestuurders boven schaal 14 en hiervoor criteria vast te stellen.

De Tweede Kamer stemde in december 2011 in met het voorstel voor de ‘Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector’ (WNT). Deze wet beoogt een maximum te stellen aan de beloning van bestuurders en toezichthouders, ook in het onderwijs. De wet treedt op 1 januari 2013 in werking. Wat betekent dit voor het primair onderwijs?

In de WNT is bepaald dat bestuurders maximaal 130 procent van het salaris van een minister mogen verdienen. Maar, op basis van de wet zijn ook lagere maxima mogelijk. Het kabinet benadrukt dat onderwijsinstellingen een publieke taak hebben en worden bekostigd met publiek geld. Onderwijsbestuurders moeten goed en maatschappelijk verantwoord worden beloond, maar het kabinet is zeer kritisch over bovenmatige topinkomens in het onderwijs.

Beloningsmaximum per sector
Voorafgaand aan de totstandkoming van het wetsvoorstel is bepaald dat alle onderwijssectoren onder het wettelijk maximum voor bezoldiging vallen. In de WNT is bepaald dat voor sectoren en instellingen een lager maximum dan de wettelijke norm kan worden vastgelegd. Minister Van Bijsterveldt heeft besloten van deze mogelijkheid gebruik te maken. Voor het bepalen van de maximum bezoldiging per sector heeft de ze door Alons & Partners Consultancy BV onderzoek laten doen  naar de zwaarte van bestuurdersfuncties in het (primair) onderwijs. De hoogst gewaardeerde functie in het po is een bovenschools manager/algemeen directeur op het niveau van schaal 14 (schaal DE). Dit maximum is vastgelegd in de wet- en regelgeving. Uit het onderzoek blijkt dat deze bezoldiging in de regel wordt toegekend aan een bovenschools directeur met een toezichthoudend bestuur van een groot aantal scholen, in een groot regionaal of grootstedelijk gebied met een diversiteit in onderwijssoorten. De onderzoekers melden dat deze functie niet heel veel voorkomt en dat deze vaak wordt gebruikt als opmaat naar een functie als voorzitter van een College van Bestuur. Zodra er sprake is van een bezoldigd bestuur is het maximale waarderingsniveau voor een directeur/ bovenschools manager schaal 13.

In het onderzoek is een aantal functies en waarderingsniveaus van bestuurders in de verschillende sectoren met elkaar vergeleken, per sector, en is er een vergelijking gemaakt met de marktsector. Ook is gekeken naar vergelijkbare functies in andere delen van de publieke sector en de semipublieke sector. Uit de vergelijking met de marksector trekken de onderzoekers onder andere de volgende conclusies:

• Uitgaande van alleen het vaste salaris is de beloning van onderwijsbestuurdersredelijk marktconform;
• De beloning (vast en variabel met compensatie) is in vergelijking voor de meeste onderwijsbestuurders aan de hoge kant.

Overigens, voor het po is een vergelijking met het topkader rijksdienst niet mogelijk en een vergelijking met doorgaans grotere en complexere uitvoeringsorganisaties beperkt. Daarom werd voor het onderzoek voor het po volstaan met FUWASYS.

Meer in evenwicht
Op basis van het onderzoek van Alons & Partners werd door de bewindslieden van het ministerie van OCW voor de sector primair onderwijs een beloningsmaximum van 153.000 euro per jaar inclusief pensioenbijdrage en onkostenvergoeding voorgesteld. Na overleg met de onderwijssectoren (lees: de PO-Raad voor de sector po) is dit maximum voor de sector po met 5 procent verhoogd tot 161.000 euro per jaar inclusief pensioenbijdrage en onkostenvergoeding. De bewindslieden kwamen tot deze beslissing omdat hiermee de maximale beloning van een bestuurder in het po meer in evenwicht is met het vo (vo: 179.000, mbo/hbo: 194.000, wo: 223.666). Ook heeft men laten meewegen dat besturen in het  basisonderwijs verplicht zijn om te zorgen voor opvang voor, tussen en na schooltijd, wat een verregaande strategische samenwerking met organisaties voor kinderopvang vraagt. Daarnaast wordt van besturen in het po gevraagd dat ze samenwerken met kinderdagopvang en peuterspeelzaalwerk. Het maximum van 161.000 euro zorgt volgens de bewindslieden voor een goede aansluiting met het loongebouw van de sector.

Beloningscode
Minister Van Bijsterveldt wil voorkomen dat er een opwaartse druk komt naar het beloningsmaximum. Daarom vindt zij een verdere indeling in salarisklassen via een beloningscode nodig. Het is aan de sectoren zelf om, uiterlijk 1 april 2012, afspraken te maken over deze code. Mocht dit niet tot het gewenste resultaat leiden, dan stelt de minister zelf een code vast. Voor het po is – onder andere in het kader van het overleg over de CAO-PO – al regelmatig gesproken over dit onderwerp. Het streven is om een nadere uitwerking te geven aan de beloningen van bestuurders boven schaal 14 en hiervoor criteria vast te stellen.

Gepubliceerd op: 16 februari 2012
Let op!
Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.

Verschenen in

Thema's

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

Op naar een integrale aanpak (Ontschotting in het sociale domein)