Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Knallende champagnekurken?

Knallende champagnekurken?

Honderd miljoen. Dat bedrag stelt minister Van der Hoeven beschikbaar voor de professionalisering van het onderwijspersoneel. Op 30 juni 2006 tekende zij hiervoor een convenant met de AVS en andere onderwijsorganisaties. Kader Primair vroeg drie ingewijden naar hun mening over de laatste ontwikkelingen op dit gebied. Knalden bij hen afgelopen zomer de champagnekurken?

Dankzij convenant meer geld professionalisering onderwijspersoneel
Het geld is bestemd voor het primair en voortgezet onderwijs. Scholen krijgen zo meer mogelijkheden om structureel te investeren in hun personeel. Schoolleiders en leerkrachten kunnen voortaan hun bekwaamheid beter onderhouden en verder ontwikkelen, terwijl zij-instromers, beginnende leerkrachten, stagiaires, leerkrachten in opleiding en ander onderwijspersoneel meer begeleiding mogen verwachten. Hoe het geld - 7310 euro per gemiddelde basisschool volgens opgave van OCW - wordt besteed, maakt iedere school voor een groot deel zelf uit. Door dit convenant, dat onder meer de uitvoering van de Wet op de Beroepen in het Onderwijs (Wet BIO) mogelijk maakt, vervallen andere subsidieregelingen voor scholing en begeleiding. Volgens de minister betekent dit minder administratieve rompslomp. Dankzij de AVS kent het convenant ook een aparte paragraaf over de Registerdirecteuren Onderwijs, tot genoegen van de NSA (Nederlandse Schoolleiders Academie). Deze geregistreerde directeuren kunnen aanspraak maken op een extra beloning. Verder wordt in het convenant rekening gehouden met de uitkomsten van het landelijke onderzoek `Waar wij voor staan´, dat SBL (Stichting Beroepskwaliteit Leraren en ander onderwijspersoneel) in de onderwijssector heeft gehouden.

Meer mogelijkheden
"Ik ben absoluut tevreden over dit convenant", zegt Annet Kil, voorzitter van SBL Zij woonde als adviseur de onderhandelingen bij. "Het zet de professionalisering van leerkrachten en schoolleiders nadrukkelijk op de kaart, biedt hiervoor meer mogelijkheden en is toekomstgericht. `Eens bevoegd´ betekent namelijk niet `altijd bekwaam´. Daarnaast heeft iedereen die onderweg is naar het leraarschap en nog niet aan de bekwaamheidseisen voldoet, er baat bij. Van zij-instromers, een categorie die we beslist niet meer kwijt willen, tot studenten in opleiding. Dat is zonder meer een goede zaak. Schoolleiders moeten hun teamleden tijd en middelen ter beschikking stellen om hun professionaliteit bij te houden en uit te breiden. Hoeveel tijd en welke middelen staat niet in het convenant. Dat hangt af van het proces tussen werkgever en werknemer en de afspraken die zij maken." In dat proces speelt het bekwaamheidsdossier uit het convenant een belangrijke rol. Hierin legt de school vast welke vorderingen elk personeelslid maakt. Kil: "Voor schoolleiders is het dossier een prima instrument om hun teamleden up-to-date te houden, voor leerkrachten een manier om up-to-date te blijven. Zij kunnen nu meer gericht een gesprek over bijscholing aangaan en vervolgens afspraken maken over de uitvoering. Sommige scholen gaan daarin ver en honoreren veel wensen, andere niet. Het convenant doet een beroep op goed werkgeverschap." Volgens de Wet BIO moet in 2007 elke leerkracht over een bekwaamheidsdossier beschikken. Dit betekent niet dat het lerarenportfolio dat SBL eerder ontwikkelde, overbodig wordt. "Want", zegt Kil, "een leerkracht die zijn portfolio samenstelt, onderzoekt zijn bekwaamheid en legt de resultaten voor zichzelf vast in een verslag. Zo houdt hij het initiatief voor zijn individuele ontwikkeling in eigen hand. Het lerarenportfolio - waaraan leerkrachten dankzij SBL digitaal kunnen werken - en het bekwaamheidsdossier liggen duidelijk in elkaars verlengde." De vraag of pabo´s goede leerkrachten voor het speciaal onderwijs afleveren, vindt Kil te algemeen gesteld. "SBL heeft meegewerkt aan de beschrijving van hun profiel: wat zij moeten kunnen en kennen. Afgestudeerden moeten aan die eisen voldoen. Er bestaan wel verschillen in de kwaliteit van de opleidingen. Het is echter niet aan SBL, maar aan visitatiecommissies om dit te onderzoeken en hierover een oordeel te vellen. Maar niet alle pabo´s zijn zo slecht als de media ons voorhouden." De SBL-voorzitter meent dat de breedte van de opleiding niet ten koste gaat van de diepgang, zoals veel critici beweren. "Pabo-studenten worden opgeleid om vier- tot twaalfjarigen les te kunnen geven in alle vakken en zijn daardoor breed inzetbaar op de arbeidsmarkt. Dat is een goede zaak. Komt bijvoorbeeld een leerkracht met als specialisatie `het jonge kind´ in de bovenbouw terecht of omgekeerd, dan moet deze een extra specialisatie halen. Zo blijf je als leerkracht je hele leven leren."

Verheugd
SBL is verheugd dat scholen dankzij het convenant middelen kunnen inzetten voor professionaliseringsthema´s die voortvloeien uit de landelijke enquête `Onderwijs aan het woord´. Deze werd afgelopen voorjaar op initiatief van SBL gehouden. Vanzelfsprekend hoorden daar opleidingsmogelijkheden bij. De respons was groter dan verwacht. Bovendien stond al snel vast dat de minister met de uitkomsten echt wat wilde doen. Kil: "Dat heeft Van der Hoeven ons onmiddellijk laten weten. Weg met de tekentafelcultuur, waarbij de buitenwereld voor leerkrachten beslist wat de ontwikkeling van hun beroep moet inhouden." De professionaliseringsthema´s lopen volgens Kil per school uiteen. "De een legt de nadruk op interne begeleiding of loopbaanontwikkeling, de ander op adaptief onderwijs en ga zo maar door."

Krachtig signaal
Heeft Mark Jager, directeur van de NSA, een champagnefles opengetrokken nadat het convenant was ondertekend? Jager moet hartelijk lachen om de vraag: "Dat zou wat overdreven zijn, maar het convenant is een buitengewoon krachtig en positief signaal naar schoolleiders toe die zichzelf en hun team verder willen professionaliseren. Dat geldt zeker voor de aparte paragraaf over de Registerdirecteuren Onderwijs (RDO´ers) die voortaan in aanmerking komen voor een extra beloning. De NSA als kwaliteitsborgend instituut en de AVS als vakorganisatie hebben hiervoor hard gevochten." Over de hoogte van deze financiële tegemoetkoming zegt het convenant niets. Jager: "Wij delen deze zorg. Daarom zijn wij verheugd dat de AVS op 21 september tijdens het CAO-PO overleg* heeft voorgesteld hierover afspraken te maken." De afgelopen jaren heeft de NSA vaak van zich doen horen. Zo ontwikkelde de organisatie een beroepsstandaard voor leidinggevenden in het primair onderwijs. Registratie in het beroepsregister borgt de beroepskwaliteit. Ook maakte de NSA zich hard voor certificering van het professionaliseringsaanbod en bracht advies uit over de (start)bekwaamheidseisen voor leidinggevenden in het basisonderwijs. Momenteel zijn er ruim tweeduizend RDO´ers, een aantal dat snel stijgt. Een registerdirecteur onderschrijft de gedragscode die bij een RDO hoort. Jager: "Hij zet al zijn kennis en deskundigheid in voor kinderen en houdt daarbij vast aan zijn professionele onafhankelijkheid. Daarbij handelt hij op een wijze die vertrouwen oproept, zowel binnen de eigen organisatie en beroepsgroep als daarbuiten."

Strategisch instrument
Jannita Witten, sinds kort adviseur Werkgeverszaken bij de AVS, onderschrijft de mening van SBL en de NSA over het belang van het convenant. Ze verwacht er veel van. "Voorwaarde is wel dat het strategisch wordt opgepakt: schoolleiders en leerkrachten moeten bekwaamheden verwerven waarmee zij de strategische doelstellingen van hun school kunnen realiseren. Wil bijvoorbeeld een basisschool een brede school worden, dan dient het team multidisciplinair te kunnen werken. Maar misschien zijn nog niet alle leerkrachten hiertoe in staat. Het convenant kan dan hét instrument zijn om dit te realiseren. Zo krijgt de Wet BIO handen en voeten."

* Tijdens het CAO-PO overleg op 21 september jl. stelde de AVS voor afspraken te maken over de hoogte van de financiële tegemoetkoming voor RDO´ers. Ondanks het feit dat de werkgeversorganisaties niet erg enthousiast reageerden, zal er naar alle waarschijnlijkheid begin november een gezamenlijk voorstel op de overlegtafel liggen (redactie Kader Primair).

Thema: Professionaliseren
Kader Primair 2 -Oktober 2006

 

Gepubliceerd op: 1 oktober 2006
Let op!
Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.

Verschenen in

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

Zicht op pensioen (Herziene versie maart 2018)