Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Invulling geven aan stakeholderbeleid
Goed onderwijsbestuur

Invulling geven aan stakeholderbeleid

Auteur: Carine Hulscher-Slot

Het is alweer even geleden dat scholen bastions waren waarbij het voor ouders en andere partners moeilijk was om er binnen te dringen. Voor het onderwijs wordt het steeds belangrijker om te benoemen met welke stakeholders men te maken heeft en hoe zij in positie kunnen worden gebracht. Belangrijk voor de bestuurder én toezichthouder. Hoe betrekken zij stakeholders?

De wet Goed onderwijsbestuur heeft, als vervolg op autonomievergroting, de professionalisering van het onderwijsbestuur gestimuleerd. Van de scheiding tussen bestuur en toezicht is in de meeste onderwijsorganisaties serieus werk gemaakt. Het invoeren van een model met een College van Bestuur en een Raad van Toezicht was in het voortgezet onderwijs al gemeengoed en vindt steeds meer navolging in het primair onderwijs. Hoe de organisatie zich verantwoordt naar belanghebbenden is vaak onderdeel van de afspraken die zijn vastgelegd in het bestuursreglement, het reglement voor de RvT en het toezichtskader. Steeds meer wordt daarin ook de verantwoording naar de directe maatschappelijke omgeving meegenomen en dat is maar goed ook. Deze belanghebbenden duiden we vaak aan met de term stakeholders. In ‘Opbrengstgericht Stakeholdersbeleid’, een handreiking voor besturen primair onderwijs1 worden de volgende groepen stakeholders onderscheiden:

a. Leraren, leerlingen, ouders;
b. Toeleverende en afnemende organisaties uit de onderwijskolom (peuterspeelzalen, kinderdagverblijven, andere basisscholen, scholen voor speciaal onderwijs, scholen voor vervolgonderwijs);
c. Partners rond de school die te maken hebben met jeugd en hun ouders (jeugdzorg, Centra voor Jeugd en Gezin, buitenschoolse opvang, organisaties voor sport, cultuur en recreatie, gemeente, de wijk, politie en dergelijke.

Tegenwoordig spelen ook de partners in het samenwerkingsverband Passend onderwijs en – voor zover van toepassing – de partners binnen de MFA en de brede school een rol als stakeholder. Bestuur en toezicht spelen in het onderhouden van relaties en het voeren van de dialoog met de stakeholders elk een eigen rol.

Actief stakeholderbeleid
Uit het recente onderzoek ‘Invulling geven aan actief stakeholderbeleid’ door Rien Goodijk in opdracht van Verus (voorheen Besturenraad)2 blijkt dat toezichthouders3 positief zijn over het stakeholderbeleid van het bestuur van de onderwijsorganisatie. Toezichthouders en bestuurders vinden dat stakeholders meestal tamelijk snel worden betrokken en dat hun inbreng serieus wordt genomen. Wel valt op dat bestuur en toezichthouders zich bekommeren om stakeholderbeleid, maar dat op de werkvloer stakeholders er niet echt toe doen. Goodijk constateert dat toezichthouders het belangrijk vinden toezicht te houden op het stakeholderbeleid van de bestuurder. De meeste bestuurders uit het onderzoek vinden juist dat hierop toezicht houden alleen aan de orde is als de bestuurder daarom vraagt. Over de vraag of de toezichthouder een eigen actieve rol moet spelen bij het betrekken van stakeholders bij het beleid, zijn de meeste respondenten van mening dat het intern toezicht de bestuurder daarbij moet stimuleren. Als het gaat om contacten tussen toezichthouder en stakeholders zijn de meningen verdeeld: bijna de helft van de respondenten antwoordt dat de toezichthouder zelf actief contacten met interne en externe stakeholders moet onderhouden, terwijl iets minder dan de helft dit alleen op interne toezichthouders wil betrekken. Een kleine groep stelt dat toezichthouders helemaal geen contact met stakeholders horen te hebben.

Discussie over toepassing
In het gesprek tussen de RvT en de bestuurder is de vraag wie contact houdt met wie en hoe hierover verantwoording wordt afgelegd een regelmatig terugkerend onderwerp. Ook de mate waarin stakeholders worden betrokken bij de ontwikkeling of afstemming van beleid staat vaak op de agenda. Ook al ligt dit meestal keurig vast in reglementen en statuten, de toepassing ervan leidt zo nu en dan tot discussie. En dan gaat het alleen nog maar om de afstemming tussen de toezichthouder en de bestuurder. Wat de positie van de schoolleider in dit krachtenveld is, moet daarbij niet uit het oog worden verloren.

Gepubliceerd op: 5 maart 2015

Verschenen in

Thema's

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

Zicht op pensioen (Herziene versie maart 2018)