Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Hoe scholen de werkdrukmiddelen besteden

Hoe scholen de werkdrukmiddelen besteden

Auteur: Susan de Boer

Hoe zijn de werkdrukmiddelen het afgelopen schooljaar ingezet? Voor welke oplossingen kozen schoolteams en met welk resultaat? Drie schoolleiders over het effect van extra geld.

Extra onderwijsassistent is succes
 
Eefje Bloemscheer is directeur van basisschool De Alm in Tilburg. De school staat in een zogenoemde impulswijk. De gezinnen die hier wonen, hebben vaak met meerdere problemen te kampen. Het team koos voor een onderwijsassistent en een vakleerkracht gym.
 
“Met het team hebben we besproken waar de knelpunten zitten en bij de meeste collega’s was er behoefte aan meer tijd. De PMR kwam met het voorstel onze vakdocent gym vaker in te zetten in de groepen 3 tot en met 8, en een extra onderwijsassistent in de groepen 1 en 2. Het team heeft dat voorstel omarmd. De extra onderwijsassistent is een succes, dat is echt een oplossing in groep 1 en 2. Ook de extra uren van de gymleraar geven verlichting, maar het effect is minder eenduidig, omdat de groepsleerkracht de leerlingen naar het gymlokaal moet brengen. Dan hou je per saldo maar een half uur over van het extra uur dat je zo creëert. Veel collega’s kunnen dat half uur goed inzetten, maar voor sommigen is het te kort.”
 
Dienend leiderschap
“Binnenkort gaan we evalueren. Eerder al hebben we tips uitgewisseld over hoe je de vrijgekomen tijd het beste kunt benutten, en we willen weten hoe het er nu mee staat. Ook bespreken we dan of we doorgaan op de ingeslagen weg, of dat we een andere richting kiezen. Er is bijvoorbeeld ook gedacht aan een eventmanager, iemand die zaken gaat organiseren die niet rechtstreeks met onderwijs te maken hebben. Maar ik laat het aan het team, zoals ook de bedoeling is. Ik ben een dienend soort leider, ik wil faciliteren en ondersteunen. Ik weet dat de collega’s een grote taak hebben en ik puzzel met alle beschikbare middelen om ze daarbij te helpen. Zelf heb ik steun aan mijn collega-directeuren binnen de stichting. We zijn met maar vijf scholen, we kunnen elkaar goed vinden en hebben echt iets aan elkaars inzichten.”
 
Niet alles doen
“Sommige problemen zijn te complex om met geld op te kunnen lossen, en de wijk waar de school staat kent complexe problematiek. Maar niet voor iedere werkdrukverlichting is geld nodig. Ik heb deelgenomen aan de werkdruksessies die het Arbeidsmarktplatform PO organiseerde en daar goede tips gekregen. We hebben bijvoorbeeld sommige documenten afgeschaft. We hadden een systeem van borgdocumenten, daar hebben we kwaliteitskaarten van gemaakt waarop staat wat er voor een bepaald leerdoel gebeuren moet. Dat werkt goed. De inspectie vond het ook waardevol en dat geeft rust, we weten dat we de goede dingen doen. Ook houden we onze werkgroepen tegen het licht. We hoeven niet alles te doen.”
 
 
 
Een paar uur per week de handen vrij
 
Sebastiaan Marechal is directeur van Mytylschool Eindhoven. De inzet van een muziekvakleerkracht geeft de leraren lucht.
 
“Het speciaal onderwijs kent een categoriebekostiging. Het samenwerkingsverband bepaalt, in overleg met de school, de bijdrage op basis van de zorgzwaarte van een leerling. Sinds de verevening hebben sommige samenwerkingsverbanden de bekostiging naar beneden bijgesteld. Dat betekent dat we met minder geld hetzelfde moeten doen. We hebben vergeleken met drie jaar geleden vijf leerkrachten minder in de formatie. Dat betekende onder meer dat we onze vakleerkracht muziek nodig hadden voor een groep. Door de werkdrukgelden hebben we ruimte gekregen om de muziekdocent weer voor muziekles in te zetten. Dat was uitdrukkelijk een wens van het team en het management­team. De muziekdocent neemt de leerlingen een uur mee, dat betekent dat de groepsleerkracht dan de handen vrij heeft. Het scheelt iedere leerkracht iedere week een uur. Volgend jaar houden we de muziekdocent op deze manier aan.”
 
Minder formulieren
“Als school kun je zelf ook veel doen aan werkdrukverlichting. Wij hebben een padlet, een website waarop collega’s informatie kunnen delen, en ik heb ze gevraagd hierop aan te geven welke externe formulieren ze allemaal invullen. Dan blijkt dat die hoeveelheid terug te brengen is. Sommige formulieren overlappen elkaar en andere zijn helemaal niet nodig. Bij terugplaatsing naar het regulier onderwijs wil de ontvangende school natuurlijk weten wat voor vlees ze in de kuip krijgt, maar dat hoeft niet altijd met een vragenlijst van meer dan 150 vragen. Als de intern begeleider van die school hier een uurtje meeloopt, ziet deze al heel veel.
Een andere ingreep die we hebben gedaan is dat we zelf risicodrager zijn geworden voor ziekteverlof. We hebben 0,8 fte standaard ingepland voor ziekteverzuim. Maar als er niemand ziek is, kunnen we deze persoon op een groep zetten, zodat de eigen leerkracht tijd heeft voor bijvoorbeeld administratie. Dat komt dus gewoon uit de eigen formatie. Het is dan wel belangrijk om het ziekteverlof laag te houden.”
 
Elf samenwerkingsverbanden
“Het belangrijkste knelpunt in het speciaal onderwijs is dat je met meerdere samenwerkingsverbanden te maken hebt, die allemaal hun eigen procedure hanteren. Het zou al enorm schelen als de ontwikkelingsperspectieven (OPP’s) en aanmeldprocedures gestandaardiseerd zouden worden. Op school hebben we een trajectbegeleidster die alle verschillen tussen de samenwerkingsverbanden moet monitoren, zodat we steeds het juiste sturen. Dat geld zou in de klas terechtkomen als de procedures gestandaardiseerd waren.”
 
 
Weg met tijdrovend nakijkwerk
 
Annette Hesseling is schoolleider van basisschool Oranje Nassau, een kleine dorpsschool in Zwammerdam. Haar team koos voor de aanschaf van Chromebooks.
 
“Het team op deze school is klein en sterk innoverend. De leerlingen zijn verdeeld over drie units: groep 1 tot en met 3, groep 4 en 5 en groep 6 tot en met 8. Met het team bespreken we voortdurend hoe we ons onderwijs kunnen verbeteren. We willen werken in de zone van naaste ontwikkeling: goed kijken hoe ver leerlingen zijn, en de volgende stap daarop toesnijden. We zijn begonnen met het rekenonderwijs. We hebben de methodes uitgeplozen en prachtige pakketten gemaakt voor de leerlingen, doelgericht en niet methodegericht. Dat was op zichzelf een succes. Maar wat bleek: het nakijken van het werk was een enorme klus, want opgaven klopten niet meer met de nakijkboekjes. De leerkrachten raakten het overzicht kwijt en we willen toch graag weten of iedereen nog op het goede spoor zit.”
 
Digitaal systeem
“Het team wilde graag een digitaal systeem om dit knelpunt aan te pakken. Maar daarvoor is ons budget niet toereikend. Toen kwamen de werkdrukmiddelen vrij. De collega’s waren er snel uit dat in groep 4 tot en met 8 de werkdruk voor een groot deel samenhing met het nakijken van het rekenwerk. Met de middelen konden we voor alle leerlingen een Chromebook aanschaffen en daarop Snappet laten draaien. Snappet werkt onder meer ook met leerlijnen en dat is precies wat we willen. De inzet van de Chromebooks heeft de werkdruk inderdaad aanmerkelijk verlicht. In het begin was het werkdrukverhogend, omdat we ermee moesten leren werken, maar dat is nu achter de rug. Ook de leerkrachten in unit 1 (groep 1-3) hebben de scholing gevolgd, maar zij profiteren niet rechtstreeks van de laptops. Daarom gebruiken we een deel van de middelen voor een onderwijsassistent in de onderbouw.”
 
Formatie uitbreiden
“Hoe we volgend jaar de middelen inzetten, bespreken we binnenkort. In de ‘talent­gesprekken’, onze variant van functioneringsgesprekken, vraag ik altijd waar de collega’s moe van worden, dus ik heb wel een beeld van de werkdrukbeleving. Er spelen momenteel geen dringende zaken waar iedereen last van heeft. Persoonlijk denk ik dat het een goed idee is om een teamlid dat nu vier dagen in de week werkt, een vijfde dag in te zetten. Daarnaast is het een grote wens om met het hele team een congres bij te wonen, en zo een slag te maken in de onderwijsontwikkeling. Van het geld kan het allebei, maar ik wacht af waar het team mee komt.”

Gepubliceerd op: 6 april 2019

Verschenen in

Thema's

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

De jaartaak in het primair onderwijs (Nieuwe versie februari 2018)