Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Het ontwikkelingsperspectief in passend onderwijs
Speciaal (basis)onderwijs

Het ontwikkelingsperspectief in passend onderwijs

Auteur: Jan Stuijver

In de Wet Passend onderwijs is op onderdelen de opdracht of de mogelijkheid gecreëerd om nadere voorschriften te geven. Eén daarvan zijn de voorwaarden waaraan het ontwikkelingsperspectief (OPP) voor leerlingen in het basisonderwijs moet voldoen. Voor het regulier onderwijs is het OPP nog geen gemeengoed.

Het speciaal basisonderwijs heeft al langer ervaring met het ontwikkelingsperspectief. In de Wet Kwaliteit (v)so (1 augustus 2013) is de invoering van het OPP ook opgenomen. Het OPP bestaat met ingang van 1 augustus 2014 voor:
• leerlingen in het (voortgezet) speciaal onderwijs;
• leerlingen in het speciaal basisonderwijs;
• leerlingen in het praktijkonderwijs;
• leerlingen die extra ondersteuning krijgen in het reguliere basis- en voortgezet onderwijs.

Voor het regulier onderwijs is het OPP nog geen gemeengoed. In het toezicht van de onderwijsinspectie wordt momenteel wel gekeken in hoeverre scholen er voor zorgdragen dat leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften zich ontwikkelen naar hun mogelijkheden (toezichtkader indicator 1.4). Hierbij beoordeelt de inspectie op dit moment alleen voor leerlingen uit groep 8 die voor één of meerdere vakken een eigen programma volgen. De inspectie zal naar verwachting in het nieuwe toezicht – waarderingskader nieuwe wet – regelgeving rondom OPP opnemen. Op welke manier is op dit moment nog niet bekend.

Geen ontwikkelingsperspectief
Reguliere basisscholen en scholen voor voortgezet onderwijs hoeven geen ontwikkelingsperspectief op te stellen voor leerlingen die ondersteuning krijgen die in het reguliere (basis)ondersteuningsaanbod zit. Zoals begeleiding bij dyslexie of kortdurende remedial teaching. Voor leerlingen met een verwachte uitstroombestemming praktijkonderwijs of vmbo met leerwegondersteuning (lwoo) hoeven scholen geen OPP op te stellen als deze leerlingen geen extra ondersteuning vanuit het samenwerkingsverband krijgen. Voor leerlingen in het vmbo met lwoo is een ontwikkelingsperspectief niet verplicht.

Onderwijsdoelen en ondersteuning
In het ontwikkelingsperspectief beschrijft de school de doelen die het kind zal kunnen halen. En laat de school het kind en de ouders duidelijk zien waar de school samen met het kind naartoe werkt en aan welke instroomeisen het kind moet voldoen om succesvol te zijn in het vervolgonderwijs. De school overlegt over de doelen en de acties (ondersteuning) met de ouders. Dit is het ‘op overeenstemming gericht overleg’.

Opstellen ontwikkelingsperspectief
Binnen zes weken nadat een kind is geplaatst of wanneer een kind extra ondersteuning krijgt van het samenwerkingsverband, stelt de school het ontwikkelingsperspectief vast. De school gebruikt hiervoor medische gegevens, informatie over eerder verleende hulp en ondersteuning en behaalde leerresultaten. De school kijkt naar de thuissituatie en doet eventueel aanvullende observaties of onderzoek. Als de school voldoende informatie heeft, stelt de school het OPP van het kind op.

Jaarlijks registreren en evalueren
Gedurende de schoolperiode zal het perspectief van het kind steeds duidelijker worden. Daarom evalueert de school elk jaar het ontwikkelingsperspectief en stelt het waar nodig bij. De school is verder verplicht om de voortgang van het kind jaarlijks te registeren, zodat alle betrokkenen goed kunnen zien of het kind zich volgens de verwachte lijn ontwikkelt. Zo kan de school eerder ingrijpen als de ontwikkeling van het kind sneller of juist langzamer verloopt.

Verwerken persoonsgegevens
Op het ontwikkelingsperspectief is de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) van toepassing. Het gaat namelijk niet alleen om gewone persoonsgegevens. Bijzondere persoonsgegevens in de zin van artikel 16 Wbp zijn onder andere gegevens over iemands gezondheid. De Wbp verbiedt verwerking van dergelijke gegevens. Voor scholen geldt een uitzondering op dat verbod. Artikel 21 (eerste lid onder c) vermeldt dat scholen dergelijke gegevens mogen verwerken voor zover dat voor de speciale begeleiding van leerlingen of het treffen van bijzondere voorzieningen in verband met hun gezondheidstoestand noodzakelijk is. In het OPP mogen niet meer gegevens worden opgenomen dan nodig is en scholen zullen technische en organisatorische beveiligingsmaatregelen moeten nemen om onnodige verzameling en verwerking van persoonsgegevens te voorkomen.

Meer weten?
Zie de handreikingen van de PO-Raad ‘Ontwikkelingsperspectief in het basisonderwijs’ en ‘Ontwikkelingsperspectief in het speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs’.

Voor ondersteuning bij het invoeren van het ontwikkelingsperspectief kunt u contact opnemen met de AVS, Eelco Dam, tel. 030-2361010, e.dam@avs.nl.
 

In de Wet Passend onderwijs is op onderdelen de opdracht of de mogelijkheid gecreëerd om nadere voorschriften te geven. Eén daarvan zijn de voorwaarden waaraan het ontwikkelingsperspectief (OPP) voor leerlingen in het basisonderwijs moet voldoen. Voor het regulier onderwijs is het OPP nog geen gemeengoed.

Het speciaal basisonderwijs heeft al langer ervaring met het ontwikkelingsperspectief. In de Wet Kwaliteit (v)so (1 augustus 2013) is de invoering van het OPP ook opgenomen. Het OPP bestaat met ingang van 1 augustus 2014 voor:
• leerlingen in het (voortgezet) speciaal onderwijs;
• leerlingen in het speciaal basisonderwijs;
• leerlingen in het praktijkonderwijs;
• leerlingen die extra ondersteuning krijgen in het reguliere basis- en voortgezet onderwijs.

Voor het regulier onderwijs is het OPP nog geen gemeengoed. In het toezicht van de onderwijsinspectie wordt momenteel wel gekeken in hoeverre scholen er voor zorgdragen dat leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften zich ontwikkelen naar hun mogelijkheden (toezichtkader indicator 1.4). Hierbij beoordeelt de inspectie op dit moment alleen voor leerlingen uit groep 8 die voor één of meerdere vakken een eigen programma volgen. De inspectie zal naar verwachting in het nieuwe toezicht – waarderingskader nieuwe wet – regelgeving rondom OPP opnemen. Op welke manier is op dit moment nog niet bekend.

Geen ontwikkelingsperspectief
Reguliere basisscholen en scholen voor voortgezet onderwijs hoeven geen ontwikkelingsperspectief op te stellen voor leerlingen die ondersteuning krijgen die in het reguliere (basis)ondersteuningsaanbod zit. Zoals begeleiding bij dyslexie of kortdurende remedial teaching. Voor leerlingen met een verwachte uitstroombestemming praktijkonderwijs of vmbo met leerwegondersteuning (lwoo) hoeven scholen geen OPP op te stellen als deze leerlingen geen extra ondersteuning vanuit het samenwerkingsverband krijgen. Voor leerlingen in het vmbo met lwoo is een ontwikkelingsperspectief niet verplicht.

Onderwijsdoelen en ondersteuning
In het ontwikkelingsperspectief beschrijft de school de doelen die het kind zal kunnen halen. En laat de school het kind en de ouders duidelijk zien waar de school samen met het kind naartoe werkt en aan welke instroomeisen het kind moet voldoen om succesvol te zijn in het vervolgonderwijs. De school overlegt over de doelen en de acties (ondersteuning) met de ouders. Dit is het ‘op overeenstemming gericht overleg’.

Opstellen ontwikkelingsperspectief
Binnen zes weken nadat een kind is geplaatst of wanneer een kind extra ondersteuning krijgt van het samenwerkingsverband, stelt de school het ontwikkelingsperspectief vast. De school gebruikt hiervoor medische gegevens, informatie over eerder verleende hulp en ondersteuning en behaalde leerresultaten. De school kijkt naar de thuissituatie en doet eventueel aanvullende observaties of onderzoek. Als de school voldoende informatie heeft, stelt de school het OPP van het kind op.

Jaarlijks registreren en evalueren
Gedurende de schoolperiode zal het perspectief van het kind steeds duidelijker worden. Daarom evalueert de school elk jaar het ontwikkelingsperspectief en stelt het waar nodig bij. De school is verder verplicht om de voortgang van het kind jaarlijks te registeren, zodat alle betrokkenen goed kunnen zien of het kind zich volgens de verwachte lijn ontwikkelt. Zo kan de school eerder ingrijpen als de ontwikkeling van het kind sneller of juist langzamer verloopt.

Verwerken persoonsgegevens
Op het ontwikkelingsperspectief is de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) van toepassing. Het gaat namelijk niet alleen om gewone persoonsgegevens. Bijzondere persoonsgegevens in de zin van artikel 16 Wbp zijn onder andere gegevens over iemands gezondheid. De Wbp verbiedt verwerking van dergelijke gegevens. Voor scholen geldt een uitzondering op dat verbod. Artikel 21 (eerste lid onder c) vermeldt dat scholen dergelijke gegevens mogen verwerken voor zover dat voor de speciale begeleiding van leerlingen of het treffen van bijzondere voorzieningen in verband met hun gezondheidstoestand noodzakelijk is. In het OPP mogen niet meer gegevens worden opgenomen dan nodig is en scholen zullen technische en organisatorische beveiligingsmaatregelen moeten nemen om onnodige verzameling en verwerking van persoonsgegevens te voorkomen.

Meer weten?
Zie de handreikingen van de PO-Raad ‘Ontwikkelingsperspectief in het basisonderwijs’ en ‘Ontwikkelingsperspectief in het speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs’.

Voor ondersteuning bij het invoeren van het ontwikkelingsperspectief kunt u contact opnemen met de AVS, Eelco Dam, tel. 030-2361010, e.dam@avs.nl.
 

Gepubliceerd op: 14 februari 2014
Let op!
Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.

Verschenen in

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

Integrale Kindcentra, handboek voor directeuren en bestuurders