Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Gymleraar essentieel voor doorzetten sportpatroon op latere leeftijd

Gymleraar essentieel voor doorzetten sportpatroon op latere leeftijd

Sporten voorkomt gezondheidsproblemen en bevordert saamhorigheid. Dat weet iedereen. Toch sport een derde van de Nederlanders niet. Koen Breedveld, hoogleraar Sportsociologie en sportbeleid aan de Radboud Universiteit Nijmegen, onderzocht waarom. ‘Waarom zorgen de successen van Ranomi en Epke niet voor meer sportdeelname? Zijn klassieke sportverenigingen ten dode opgeschreven?’

Breedveld wil de effecten van sport op de maatschappij preciezer in kaart brengen. “Ontleenden mensen vroeger hun identiteit aan afkomst, religie of zuil, tegenwoordig kiezen zij zelf waar ze bij willen horen. Een sportclub bijvoorbeeld. Tegelijkertijd is er sprake van een verschuiving naar lossere sociale verbanden, ook in de sport.”
Al in 1964 waarschuwde het Centraal Bureau voor de Statistiek dat mensen ‘verenigingsmoe’ werden, aldus Breedveld. “Intussen kent Nederland relatief nog altijd het hoogste aantal verenigingssporters van Europa. En met 1,5 miljoen vrijwilligers is de sport de grootste vrijwilligerssector van het land.”

Toch constateert de hoogleraar dat bijvoorbeeld informele hardloopgroepjes steeds populairder worden. “Kijken we naar de sociale functie, dan zorgen die vrijblijvende groepjes met name voor bonding tussen mensen die elkaar al kennen. Klassieke sportverenigingen zorgen ook voor nieuwe contacten: bridging. Die verbinding is anders.”

Niet Epke, maar de gymleraar
Volgens Breedveld dragen topsportsuccessen niet bij aan hogere sportdeelname: “Epke en Ranomi geven hoogstens een tijdelijke impuls aan de turn- en zwemsport.” Sporten beklijft pas als het een patroon wordt. “Dat patroon vormt zich op jonge leeftijd: hoe meer positieve ervaringen dan, hoe groter de kans dat iemand later blijft sporten.” Breedveld vindt een vakdocent voor lichamelijke opvoeding daarbij onontbeerlijk. “Praktisch alle kinderen hebben tegenwoordig een motorische achterstand. Simpelweg omdat het dagelijks leven onvoldoende beweging van ons vraagt. Dat slechts 46 procent van de basisscholen een vakdocent in dienst heeft, valt in deze tijden van beweegarmoede niet uit te leggen.”

Sportbeleid
De overheid voert sinds veertig jaar beleid om sportdeelname te bevorderen. Toch is er over de effectiviteit van dat beleid weinig bekend. Breedveld: “Wat we weten is dat grote landelijke campagnes niet helpen. Lokaal investeren in voetbalvelden of zwembaden heeft waarschijnlijk wel effect. Momenteel onderzoeken we het effect van bezuinigingen op voorzieningen op sportparticipatie.”

Sportparticipatie: uitdagingen voor wetenschap en beleid. Oratie uitgesproken op 16 april door prof. dr. K. Breedveld, bijzonder hoogleraar Sportsociologie en sportbeleid aan de Radboud Universiteit, die de eerste Nederlandse leerstoel op dit gebied vervult. Koen Breedveld is directeur van het Mulier Instituut (sociaal-wetenschappelijk sportonderzoek).

Gepubliceerd op: 8 mei 2014
Let op!
Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.

Thema's

Doelgroep(en)

Primair onderwijs, Voortgezet onderwijs

 

Deel dit artikel

Integrale Kindcentra, handboek voor directeuren en bestuurders