Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » ​Gevolgen WWZ ingrijpend voor funderend onderwijs

​Gevolgen WWZ ingrijpend voor funderend onderwijs

In toenemende mate bereiken de AVS zorgen en vragen van de leden over de gevolgen van de Wet Werk en Zekerheid (WWZ), specifiek aangaande de ketenbepaling. De wetgeving van minister Asscher beoogt brede maatschappelijke effecten, maar gaat in zijn algemeenheid voorbij aan de specifieke gevolgen en knelpunten voor het funderend onderwijs.
 
In het onderwijs heeft alle personeel een bestuurbenoeming. Met name invallers en tijdelijke krachten werken vaak op meerdere scholen onder één bestuur. Binnen de nieuwe regelgeving ontstaat al na vier keer (een losse dag) invallen recht op een vaste baan.
Schoolleiders en bestuurders voorzien daarbij ingrijpende dillemma’s en knelpunten, vooral op momenten van ‘invalpieken’:

  •       Invallers (vaker) vragen zal zwaar beperkt worden om opstapeling van (ongewenste) verplichtingen te voorkomen.
  •       Inzet van payrollconstructies (waar geen verplichtingen uit ontstaan) is duur en doet een aanslag op de toch al beperkte middelen.
  •       Invallen door (bewust) parttime collegae leidt tot ongewenste werkdruk of knelpunten in de persoonlijke situatie. De keuze voor parttime werken is doorgaans bewust genomen.
  •       Invallen door directie of leerkrachten in een (deels) ambulante functie of taak leidt tot knelpunten in het uitoefenen van de eigen taken. Taken die bestaan omdat zij onmisbaar en cruciaal zijn voor de school en de kwaliteit van het onderwijs. Denk daarbij aan leidinggevende taken, coördinerende taken, zorgtaken, remediërende taken, behandeltaken etc. Deze zullen dan blijven liggen met alle gevolgen van dien.
  •       Het verdelen van een groep kinderen over de overige klassen leidt tot druk op de onderwijskwaliteit en taakverzwaring van de collega-leerkrachten.
  •       Het naar huis sturen van klassen of groepen kinderen leidt tot verlies van onderwijstijd en maatschappelijke knelpunten voor ouders. Eventuele opvang in de school biedt geen kwaliteit of onderwijs.

 
In de dagelijkse gang van zaken op de scholen verwachten de schoolleiders als gevolg van de WWZ directe knelpunten die onder hun verantwoordelijkheid vallen. Het zoeken, vinden en aanstellen van een invaller wordt een secuur en moeizaam proces indien verplichtingen voorkomen moeten worden, de ‘losse’ invaller mag maar een beperkt aantal bestuurbenoemingen krijgen. Als hier geen oplossing voor komt moet de schoolleider, indien het de bedoeling is de groep niet naar huis te sturen, een beroep doen op de eigen teamleden ook waar dat ongewenst is. Dit leidt tot vele verstorende effecten in de professionele werkrelatie: eigen taken blijven liggen, er wordt meer gewerkt dan gewenst en de werkdruk gaat omhoog. Ook is er ongewenste impact op de persoonlijke relatie, er wordt dan immers een emotioneel appèl gedaan in het belang van de leerlingen boven de eigen belangen van het team. Als er geen oplossing is moeten schoolklassen naar huis worden gestuurd of elders in de school onderverdeeld ter opvang of toezicht. Alle keuzes die de schoolleider kan maken, zodra geen kortdurende invaller aangesteld kan worden, leiden tot verlies van onderwijskwaliteit en oplopende (werk)druk voor teamleden. Aan het eind van de rit wordt de schoolleider verantwoordelijk gesteld voor de onderwijskwaliteit en de resultaten van de school. Ook wordt de rekenschap en de verantwoordelijkheid voor goed dagelijks werkgeverschap en invullen van goed personeelsbeleid belegd bij de schooldirecteur.
 
Kortom. De leidinggevenden in het funderend onderwijs maken zich zorgen over de gevolgen van de ketenbepaling voor de kwaliteit van hun school. Zij vinden het onterecht om uiteindelijk aangesproken en afgerekend te worden op zaken die ontstaan door uitvoering van richtlijnen wet- en regelgeving, waar zij zelf niet achter staan.
 
AVS-voorzitter Petra van Haren: “De effecten, zorgen en ontwikkelingen rond de WWZ worden door ons op de voet gevolgd en de knelpunten zijn aan diverse overlegtafels onder de aandacht gebracht. Reeds op 26 Mei heeft de AVS een eerste brief over dit onderwerp aan de Eerste Kamer gestuurd. We laten de stem en zorg van de leden horen aan de politiek en de educatieve- en maatschappelijke partners. De AVS-leden geven aan graag een uitzondering voor onderwijs te zien op de ketenbepaling in het belang van de kwaliteit en werkbaarheid van het onderwijs.” 

Downloads en links
Gepubliceerd op: 26 november 2014

Doelgroep(en)

Primair onderwijs, Speciaal onderwijs

 

Deel dit artikel

Goed onderwijs, goede MR (8e herziene uitgave september 2019)