Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » ‘Een leraar die er bovenuit steekt beloon je’
Functiemix leidt tot voorzichtige omslag beoordelingscultuur

‘Een leraar die er bovenuit steekt beloon je’

Auteur: Larissa Pans

Gelijke monniken, gelijke kappen was lang de dominante cultuur in het onderwijs. Iedere leraar is gelijk, de organisatie is plat georganiseerd en een veelzijdige carrière was niet weggelegd voor onderwijsmensen. Dat is langzaam aan het veranderen door de functiemix en het professioneel organiseren van de gesprekkencyclus. De functiemix leidt tot een voorzichtige omslag in de beoordelingscultuur, er mag uitgegaan worden van ongelijkheid. Maar tegelijkertijd wordt de gesprekkencyclus nog vaak verwaarloosd.

Net als in andere sectoren zijn er ook in het onderwijs matige, goede en excellente werknemers. Om daar goed onderscheid in te kunnen maken en beleid op te kunnen voeren, is een doordacht personeelsbeleid een must. Functionerings- en beoordelingsgesprekken zijn echter nog steeds niet op elke school standaard, blijkt uit de Staat van het Onderwijs (2016). Terwijl het taken zijn waar elke schoolleider mee bezig zou moeten zijn: de professionele ontwikkeling van leraren en de daarbij horende uitvoering van de gesprekkencyclus.Hoe zorg je ervoor dat deze zaken goed lopen op school? Lukt het om leraren daadwerkelijk een carrièreperspectief te bieden? Past de diversiteit van het team bij die van de leerlingen en hun behoeften? Hoe voorkom je dat de gesprekkencyclus vooral als een verplichting worden gezien?

Worstelen
Ook al zijn dit geen gloednieuwe thema’s, veel scholen worstelen er nog mee. Schoolbesturen zijn proactief bezig met de functiemix, maar op zo’n 20 tot 30 procent van de scholen in het primair onderwijs gebeurt dat nog niet. Daarom is er momenteel extra ondersteuning vanuit OCW samen met adviesbureaus Berenschot en Edunamics. Onderdeel daarvan zijn regionale bijeenkomsten door het hele land. De laatste bijeenkomst voor bestuurders, schoolleiders en HR-adviseurs over de functiemix is net geweest. Willemien Bakker, projectleider Versterking HRM-beleid/Functiemix PO: “Het idee van het convenant Leerkracht (2008, red.) was dat in 2014 scholen 40 procent van hun leerkrachten in de hogere LB-schaal in dienst zouden hebben. Dat bleek een te positieve inschatting, scholen zitten nu gemiddeld op 25 procent LB-leerkrachten.” Doel van de bijeenkomsten was het motiveren en inspireren van scholen om aan de slag te gaan met de functiemix en een goede gesprekkencyclus. “Scholen zijn vrij om te bepalen welke activiteiten of specialismen ze met een LB-schaal belonen. Vaak zie je dat een leerkracht met een taalspecialisme naast het geven van regulier onderwijs extra taallessen geeft aan leerlingen met een taalachterstand en zo in die LB-schaal terechtkomt. Het kan ook gaan om gedragof rekenspecialismes. Of juist iets heel anders: het stimuleren van digitalisering binnen het onderwijs. Een leraar kan vanuit een bepaald expertisegebied de hele school naar een hoger plan trekken. Daarnaast zie ik de ontwikkeling dat een LB-docent niet alleen een meerwaarde heeft voor zijn school, maar ook bovenschools inzetbaar is.” Bakker merkt dat de deelnemers aan de ondersteuningsbijeenkomsten er verschillende standpunten op na houden. “Laatst had een leidinggevende het over het ‘veroordelingsgesprek’. Toen gaven andere deelnemers meteen tegengas en legden hem uit hoe zij het beoordelingsgesprek gebruiken om leraren en schoolleiders over zichzelf na te laten denken en hen vooruit te helpen. Die peergroup pressure werkte goed, hij wilde weten hoe hij het anders moest aanpakken. Kreeg bijvoorbeeld het advies om te letten op transparantie – ‘laat van tevoren weten welke onderwerpen je wilt bespreken’ – en het benoemen van zowel positieve als ontwikkelpunten. ‘Bespreek vervolgens hoe positieve punten verder benut kunnenworden en hoe gewerkt kan worden aan de ontwikkelpunten. Maar ook hoe de voortgang gemonitord wordt en welk resultaat wanneer bereikt zou moeten en kunnen zijn. Zorg voor een echt gesprek, met duidelijke verwachtingen. En wees consequent.’ De persoon in kwestie gaf aan dat er dan nog veel werk voor hem aan de winkel was.”
Niet iedereen ziet in dat de functiemix kan werken op zijn school, signaleert Bakker ook. “Dan wordt er gezegd: ‘Al mijn leraren zijn gelijk, dat werkt voor ons het beste’. De onderwijssector heeft de neiging vast te houden aan wat bekend is, terwijl de boel een beetje door elkaar schudden heel goed kan zijn. Dat vinden bestuurders en schoolleiders lastig om te horen, maar uiteindelijk doe je jezelf en je mensen te kort door vast te houden aan het bekende.”

Schouderklopje
Tom Roetert, senior-adviseur bij de AVS op het gebied van integraal personeelsbeleid, beoordelen en loopbaanmanagement, moet diep zuchten als de term ‘veroordelingsgesprek’ ter sprake komt. “Ik schrik ervan. Een medewerker heeft er recht op om te horen hoe het gaat, wat er te verbeteren valt en als het goed gaat een schouderklopje te krijgen. Ik hoor nog te vaak over dossiers die niet zijn bijgehouden of die er helemaal niet zijn. Niet alleen maar een dossier opbouwen als een leraar slecht functioneert. Of er worden wel functioneringsgesprekken gevoerd, maar beoordelingsgesprekken durft men niet aan.” Het is echter in het belang van de school om er bovenop te zitten, er prioriteit aan te geven en tijd voor vrij te maken, benadrukt Roetert. “Dat vergt soms een mentaliteitsomslag. Een goede directeur ziet de meerwaarde in van een professioneel opgezette gesprekkencyclus en neemt deze heel serieus. Hij legt lesbezoeken af, heeft eventueel zelf ervaring in lesgeven, heeft visie op het onderwijs en zijn personeel en durft onderscheid te maken. Een leraar die er bovenuit steekt, die een masteropleiding heeft gevolgd of die zich bemoeit met het schoolbeleid, beloon je met een LB-schaal. Een goede bestuurder accepteert niet dat een schoolleider slecht onderhouden dossiers heeft.”
Bert Lemmens van basisschool De Driesprong in Geleen is een schoolleider die er eer in stelt om een goed functionerende gesprekkencyclus op te zetten en met trots meldt hij dat zijn school 45 procent LB-leerkrachten in dienst heeft. De school telt 43 personeelsleden en 22 klassen. Elke klas wordt twee keer per jaar bezocht door Lemmens zelf of de adjunct-directeur voor een lesobservatie, een keer op een afgesproken moment en een keer onaangekondigd. Eén voortgangsgesprek en één functioneringsgesprek per jaar krijgt het team van De Driesprong, om de twee jaar integreert Lemmens het beoordelingsgesprek in het functioneringsgesprek. “Personeel is het werkkapitaal van de stichting, we werken met gemeenschapsgeld: ik voel de plicht om daar professioneel mee om te springen.” Hij merkte aanvankelijk ook dat er weerstand was tegen het beoordelen. ‘We werken toch allemaal hard’, werd er dan gezegd. De gesprekkencyclus ziet Lemmens als onderdeel van ‘een leven lang leren’ van zowel leraar als directeur, en een nuttig middel om over de toekomst na te denken. “Dit zijn de momenten om groei, ontwikkeling en functioneren formeel vast te leggen en die kans moet je grijpen. Ik hoop dat mijn leraren zich kwetsbaar durven opstellen en om ondersteuning en scholing vragen als zij dat nodig hebben. Zij hebben een gelijkwaardige inbreng; ik wil van hen ook weten hoe ik het doe. Iedereen kan mijn bekwaamheidsdossier inkijken. Aan mijn zwakke punten werk ik, van mijn sterke punten profiteert de school.” Zelf heeft Lemmens elk jaar een functioneringsgesprek met het College van Bestuur. Twee keer per jaar is er een gesprek op basis van de resultaten (kengetallen) met de schoolleiders, onderwijscoördinatoren, bovenschoolse coördinatoren en het Collega van Bestuur. Aan de hand daarvan maken ze concreet beleid op wat er verbeterd kan worden (stuurgetallen). “Het jaarlijkse functioneringsgesprek verloopt behoorlijk professioneel, wel zou de gesprekstechniek wat strakker mogen. En we moeten oppassen dat de waan van de dag niet regeert in zo’n gesprek. Het laatste half jaar is er iemand uitgevallen bij het bestuur, dan merk je meteen dat er gaten vallen in de gesprekkencyclus.”

Mobiliteit
Projectleider versterking HRM-beleid/ Functiemix Bakker: “Het rare is dat leraren de hele dag bezig zijn met de ontwikkeling van hun leerlingen en hun vorderingen bij houden, terwijl ze hun eigen ontwikkeling vergeten of ‘niet zo nodig hoeven’. Het beroep is behoorlijk solistisch. Ook al werk je in een team, het was te lang: my class is my kingdom. Als ik met deelnemers spreek over mobiliteit, hoor ik vaak dat er niet zoveel mobiliteit is binnen het onderwijs. Onderwijsmensen zijn nogal honkvast. Niet alleen wat hun school betreft, ook zijn er veel leraren die er op staan alleen groep 3 of groep 8 les te geven. Een schoolbestuur heeft ingesteld dat de leerkrachten elke vijf jaar wisselen van groep én van school, om steeds een nieuw perspectief te krijgen. Een goed voorbeeld wat mij betreft. Een andere schoolbestuur heeft geregeld dat de leraren een half jaar kunnen gaan werken in een andere sector, zoals de zorg of bij een gemeente. Dat is pas echt je horizon verbreden! Zoiets moet natuurlijk wel in goede banen worden geleid en het is een puzzel voor een schoolleider om vervanging te zoeken, maar het is wel gedurfd. Leraren keren terug met nieuwe energie en inspiratie. En ja, soms zijn ze verloren voor het onderwijs en blijven ze in een andere sector werken. Maar dat biedt weer perspectief voor andere leraren om zich verder te ontplooien.”

De Arbeidsmarktanalyse primair onderwijs 2016 van het Arbeidsmarktplatform PO concludeert dat op veel scholen wel aandacht wordt besteed aan het formele gesprek, maar dat het nogal eens ontbreekt aan het maken van concrete afspraken. En schoolbesturen van een bepaalde regio kunnen samen meer mobiliteit stimuleren, zeker als vraag en aanbod per schoolbestuur van elkaar verschillen. Bijvoorbeeld via een regionale transfercentra (RTC’s). www.arbeidsmarktplatformpo.nl/ dossiers/krimp/medewerkers-primair-onderwijs-vaak-tevreden-over-hun-baan

Gepubliceerd op: 2 december 2016

Verschenen in

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

Jaargids PO (2019-2020) (Met agenda en professionaliseringsaanbod)