Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Een ijsberg als goudmijn
Het duurzaamste schoolgebouw van Nederland

Een ijsberg als goudmijn

Auteur: Lisette Blankestijn

De Udense basisscholen De Brinck en De Petteflet huizen samen onder één dak: een groen dak met zonnecollectoren. Samen met de andere voorzieningen van IKC ’t Speelplein kregen zij een bijzonder duurzaam schoolgebouw, nadat een brand hun oude pand vier jaar geleden in de as legde.

Middenin het gebouw bevindt zich een indrukwekkende ruimte, met het formaat van een klein lokaal. Zoemende apparaten. Een wirwar aan blinkende buizen met talloze metertjes. Een groot blauw reservoir en roestvrijstalen wanden. Kunststof kastjes aan de muur, met flikkerende lampjes en digitaal verspringende cijfers. Een technieklokaal? Ja, maar niet voor de leerlingen. Het is een soort controlekamer waar allerlei installaties staan. De directeur van de twee scholen, Klaske van den Berg, controleert hier dagelijks of alles goed werkt. Meestal is dat ook het geval, vertelt ze. “Af en toe hebben we nog last van kinderziektes, en als het ’s zomers heel erg warm is hebben we niet genoeg ijs.”
Dat ijs ligt opgeslagen in een betonnen bak onder het schoolplein. Aan de noordzijde van het gebouw liggen collectoren op het dak. Die halen warmte uit de lucht om het water van de bak te verwarmen (collectoren hebben geen zon nodig, panelen voor de stroom wel, die liggen op de zuidzijde, red.). In de winter wordt het gebouw verwarmd door de opgeslagen warmte te onttrekken. Door dit continu te doen, ontstaat er uiteindelijk ijs in de bak. Dit ijs, eigenlijk een restproduct, wordt in de zomer gebruikt om het gebouw te koelen. Het geheim van deze techniek (het SOLAREIS-systeem, red.): op de juiste momenten warmte in de bak stoppen of juist warmte onttrekken. Slimme regeltechniek stuurt alles aan om het klimaat in het gebouw optimaal te krijgen. De basisverwarming is geregeld met vloerverwarming; de gewenste temperatuur is per lokaal na te regelen met warme of koele lucht die uit gaatjes in het plafond komt. Het is een gesloten systeem, maar ramen mogen toch gewoon open.
“Een prettig, licht gebouw waar we heel bij mee zijn”, vindt Van den Berg. Als duurzaamste schoolgebouw van Nederland trok het al flink wat belangstelling. “De eerste periode na ingebruikname kreeg ik wekelijks kijkers op bezoek”, vertelt de directeur. Het was ook pionieren: “We hebben lang moeten zoeken voordat we een bedrijf vonden met verstand van ons ijssysteem, om het te kunnen inregelen.”
 
Waterles
“We nemen de leerlingen mee in onze aandacht voor dit thema”, vertelt Van den Berg. “Ook in andere opzichten is dit een extreem duurzaam gebouw. De kinderen vinden dat normaal. Van grauw regenwater in de toiletten kijken zij al niet meer op. We koppelen de uitleg van hoe onze wc werkt aan de waterles. We koken op inductie, want we hebben geen gas. We leggen uit wat de zonnepanelen op het dak doen, al zien ze die niet. Maar de plantjes op datzelfde dak ruiken ze soms wel, en daar praten we over met elkaar. Voor onze waterhuishouding, met infiltratiekratten waarin we water opvangen, kregen we de Groen-Blauwe handdruk van het waterschap. Dat bedrag gebruiken we voor een afvalbak op het plein, waarmee we gescheiden afval verzamelen.”
 
Kostenbesparing
Het nieuwe gebouw levert de gebruikers een flinke besparing op de energiekosten op: de exploitatiekosten zijn met twee derde gedaald tot circa 10 duizend euro per jaar, vertelt directeur Van den Berg. Dat het IKC zich na die noodlottige brand zo’n mooi duurzaam gebouw kon veroorloven, is te danken aan de verzekeringsmaatschappij (die een duurzaamheidspremie toekende), subsidieregelingen en het aangepaste bouwproces.
 
Bouwproces
Dat bouwproces was een succesverhaal, vertelt Bart Schoemaker. Hij is collegevoorzitter van Stichting KIEM, het schoolbestuur dat samen met SAAM-scholen de leiding had in het bouwtraject van het IKC. “Er is gewerkt volgens het bouwteamprincipe, maar dan net even iets anders. Normaal is de aannemer in de lead, nu was het onderwijs dat – ondersteund door de adviseurs van SORS-adviesgroep. Daarbij hebben we ook zelf alle installateurs laten pitchen. Zo ontstond een hechte samenwerking tussen de schoolbesturen, de gemeente en andere betrokkenen, waarbij we elkaars kwaliteiten versterkten. Wij wisten vooraf precies hoe het gebouw eruit zou gaan zien en welke materialen gebruikt zouden worden. Alles verliep volgens afspraak en de kosten bleven binnen het budget – de bijkomende (advies)kosten waren 13 procent lager dan bij een traditioneel bouwproces. Een kundige stuurgroep hield de vinger aan de pols en een projectgroep, met onder meer de schooldirecteuren, dacht mee over visie en inrichting. Die aanpak werkte heel goed.” “Als team voedden wij de stuurgroep steeds vanuit onze onderwijsvisie met wensen en ideeën”, vult Van den Berg aan.
 
Duurzaamheidsbeleid
Voor bestuurder Schoemaker zorgde deze nieuwbouw ervoor dat duurzaamheid hoog op de agenda kwam te staan. “We hadden nog geen duurzaamheidsparagraaf in ons strategisch plan. Die komt er nu wel. Het gemeentelijk IKC- en verhuurbeleid maakt het mogelijk dat wij nu met duurzaamheid aan de slag kunnen. De komende maanden brengen we voor al onze scholen in kaart wat de stand van zaken is op energiegebied en welke maatregelen we kunnen nemen om te verduurzamen.” Voor een ander IKC hebben KIEM en SAAM vergelijkbare plannen voor een nieuw gebouw. “Dat gaan we organisatorisch op dezelfde manier aanpakken. Iedereen kent het spel nu, de kaders zijn helder.” En kleinere scholen? “Welke ­verduurzaming haalbaar is, hangt van de situatie af. Hoe zijn ze nu gehuisvest? Welke mogelijkheden heeft het gebouw? Kunnen we de ruimtes beter benutten?”
 
Verder ontwikkelen
Wie door het gebouw van IKC ’t Speelplein loopt ziet: ook over de indeling van het gebouw is goed nagedacht. De lokalen liggen aan de noordkant – makkelijker te koelen dan op het zuiden. En het schoolplein wordt deels beschut door een verlengd dak, om de zon in de zomer buiten te houden. Zo kunnen de kinderen ook altijd naar buiten – weer of geen weer. Het plein zelf is, afgezien van een groentetuintje, nog een stenen bedoening. Directeur Van den Berg: “Dat past nog niet bij waar we voor staan. Daar willen we gras, houtsnippers, een blotevoetenpad, een boomstam om op te klimmen…” Een nieuwe subsidieaanvraag is al in de maak.
  
Scholen besparen energie en informatieplicht energiebesparing
Begin april 2019 start een nieuw ondersteuningsprogramma dat po- en vo-scholen stimuleert om tot en met 2020 met kleine ingrepen energie te besparen: Scholen Besparen Energie. Scholen kunnen hulp inroepen van een ‘energiebespaarder’ om hun besparingsmogelijkheden in kaart te brengen. Ook ondersteunt het programma scholen met de Informatieplicht Energiebesparing. Die informatieplicht geldt vanaf 1 juli 2019 voor alle scholen die een energiebesparingsverplichting hebben. Zij moeten hun energieverbruik gaan melden en aangeven welke energiebesparingsmaatregelen ze nemen.
Scholen Besparen Energie valt binnen de afspraken uit het Energieakkoord en is een programma van het ministerie van Binnenlandse Zaken in samenwerking met het ministerie van OCW, RVO, Bouwstenen voor Sociaal, de PO-Raad, VO-raad en Ruimte-OK.
 
Direct energie besparen: ‘Wacht niet op nieuwe wetgeving’
Waar in Uden na de brand een nieuw schoolgebouw verrees, hebben de meeste schooldirecties te maken met een bestaand gebouw. Marco van Zandwijk van Kenniscentrum Ruimte-OK legt uit dat ook zij in de meeste gevallen vrijwel direct energie kunnen besparen.
 
Van Zandwijk: “Bijvoorbeeld door de systemen voor verwarming en ventilatie zuiniger af te stellen. Om het effect te kunnen meten is het wel zinvol eerst iemand binnen de school verantwoordelijk maken voor het energiebeheer. Inzicht in het sluimerverbruik (de energie die wordt verbruikt als de school niet in gebruik is, red.) kan al een eerste forse besparing opleveren.”
 
40+ gebouwen
Steeds meer scholen zien dat er flink geld valt te verdienen met duurzaamheid. “Het klinkt te mooi om waar te zijn”, weet Van Zandwijk, “maar bij de Green Deal-scholen bleek dat dit vooral rond het veertigste levensjaar van een school echt kan. Dan zijn meerdere onderdelen van de bouwkundige schil (kozijnen, gevel en dak) tegelijkertijd aan vervanging toe: hét moment om een slimme kwaliteitsverbetering van de huisvesting door te voeren. De gebouwschil van gebouwen uit de jaren zeventig bestaat voor een groot deel uit kozijnen. Als de buitenkozijnen aan vervanging toe zijn, is dat dus een ideaal moment om deze schoolgebouwen te verduurzamen.”
 
Niet wachten
Wachten op stimuleringsregelingen, klimaatakkoorden en subsidiedeals is niet altijd zinvol, vindt Van Zandwijk. “Vanuit onze landelijke kennisfunctie krijgen wij veel vragen over subsidieregelingen. Sommige maatregelen verdienen zich echter zó snel terug dat je daar als school geen subsidies voor nodig hebt. De klimaatdiscussie gaat vaak over keuzes die pas op termijn een uitwerking krijgen. Ons advies is: wacht niet op nieuwe wetgeving, maar ga vooral zelf aan de slag. Laat je informeren over de mogelijkheden die er al zijn en die direct tot een besparing op de exploitatie kunnen leiden.”
 
Kennis delen
Schoolleiders zijn over het algemeen geen bouwexperts. De leergang ‘Regisseur Onderwijs en Gebouw’ van het AVS Centrum Educatief Leiderschap besteedt veel aandacht aan duurzame huisvesting. Daarnaast is het Kwaliteitskader Huisvesting (te downloaden via Ruimte-ok.nl) een goed hulpmiddel voor scholen die op het punt staan hun school te gaan (ver)bouwen. Van Zandwijk pleit voor kennisdeling.
“Je kunt het zo gek niet bedenken of er heeft al een andere schoolleider of bestuurder over nagedacht. Het is belangrijk om de daarmee opgedane ervaringen breder te delen. Gemeenten, schoolbesturen, omgevingsdiensten, inspecties, GGD-en en andere betrokken partijen weten elkaar steeds beter te vinden. De koplopers zijn uit de startblokken, de eerste iconen zijn gerealiseerd. Ambassadeurs worden gehoord, er is sprake van voortgaande professionalisering op allerlei vlakken. We zien dat zeker de grotere schoolbesturen steeds meer planmatig naar hun gebouwen kijken en daar actief beleid op formuleren. Met het nieuwe ondersteuningsprogramma Scholen Besparen Energie (zie andere kader, red.) kan de bij de grotere schoolbesturen opgedane kennis gedeeld worden met de kleinere scholen.”
 
Marktpartijen
En waar die eerste iconen soms nog prestigeprojecten van gemeenten of bouwbedrijven waren, wordt duurzaam bouwen steeds vanzelfsprekender. Van Zandwijk ziet dat steeds meer gemeenten en schoolbesturen de kwaliteitsverbetering van hun gebouwen plannen, en dat duurzaamheid en energiebesparing de wind in de rug hebben. Toch is er nog een wereld te winnen als het gaat om de samenwerking met overheden en bedrijfsleven, vindt hij. “De bouw, verbouw en verduurzaming van scholen omvat een complex spelersveld. Schoolleiders krijgen allerlei marktpartijen op zich af, waardoor geld niet altijd goed wordt besteed. Maar de afgelopen jaren zijn goede stappen gezet en belangrijke lessen geleerd. Het is nu tijd om deze lessen te delen. Scholen hoeven het echt niet allemaal zelf uit te zoeken.”

Downloads en links
Gepubliceerd op: 9 maart 2019

Verschenen in

Thema's

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

Goed onderwijs, goede MR (8e herziene uitgave september 2019)