Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Commissie Dijsselbloem heeft niets opgeleverd

Commissie Dijsselbloem heeft niets opgeleverd

De invloed van de commissie Dijsselbloem - die in 2008 parlementair onderzoek deed naar de onderwijsvernieuwingen sinds de jaren negentig - op de onderwijspolitiek is beperkt. Hoewel het vertrouwen van het onderwijsveld in de overheid aanvankelijk herstelde, hield dit vertrouwen geen stand, ook omdat aanbevelingen van de commissie niet in de praktijk werden gebracht. De rolverdeling tussen overheid en onderwijsveld is niet wezenlijk veranderd. Dat concludeert de Onderwijsraad in zijn advies Onderwijspolitiek na de commissie Dijsselbloem, dat vandaag gepresenteerd werd aan de Tweede Kamer. De AVS herkent het beeld en is teleurgesteld over de minimale vooruitgang op de punten die de commissie Dijsselbloem destijds benoemde.

“De centrale boodschap van de commissie Dijsselbloem uit 2008 is nog onverkort van kracht”, aldus Geert ten Dam, voorzitter van de Onderwijsraad tijdens de presentatie van het advies. “Door de commissie Dijsselbloem is een verkramping van de politiek ontstaan.” Het advies vermeldt dat het toetsingskader, dat moest bijdragen aan een zorgvuldig beleidsproces, nauwelijks is gebruikt. Sinds Dijsselbloem gaan politici discussies over onderwijsvernieuwing uit de weg, uit angst om (opnieuw) vernieuwingen ‘op te dringen’. “Dat is onbedoeld en onwenselijk. De overheid moet krachtig opereren als het stelsel of de duurzame kwaliteit van onderwijs in het geding is. Dat is haar kerntaak”, aldus Ten Dam. "Daarmee doelt ze onder andere op lereranbeleid, soepele overgangen en samenhang in het onderwijs. In zijn advies waarschuwt de Onderwijsraad ervoor dat het vermijden van stelseldiscussies maakt dat het democratisch debat daarover niet meer wordt gevoerd.

Verhouding met onderwijsveld
De overheid moet permanent investeren in goede verhoudingen met het onderwijsveld en steeds op zoek gaan naar nieuwe vormen van representatie. Ook de (tegen)stem van schoolleiders, leraren, ouders en leerlingen verdient aandacht. Dit punt heeft zich sinds de commissie Dijsselbloem alleen maar sterker gemanifesteerd, concludeert de raad. Tegenspraak organiseren en waarderen is belangrijk om verkokering en tunnelvisie te voorkomen en beleidszwakten aan het licht te brengen. In de commissie Dijsselbloem speelde het wat (overheid) en hoe (onderwijsveld) een belangrijke rol. Het denkkader van ‘wat en hoe’ is volgens de Onderwijsraad geen goede richtsnoer voor de taakverdeling tussen overheid en onderwijsveld. Het suggereert dat beleidsvorming en –uitvoering los van elkaar staan, maar deze beïnvloeden elkaar wederzijds.

Professionele dialoog
De AVS benoemt herhaaldelijk dat de politiek vooral het bestuurlijk perspectief betrekt bij het voorbereiden en formuleren van beleid en beleidsagenda’s. AVS-voorzitter Petra van Haren: "Het betrekken van de schoolorganisatie, en daarbij specifiek de leidinggevenden, moet nadrukkelijk versterkt worden om daadwerkelijke verandering en ontwikkeling te bereiken. Het voeren van een professionele dialoog kan op hoofdlijnen ingekaderd worden door de politiek, maar moet vooral decentraal en in de scholen gebeuren. Willen we de school serieus positioneren als professionele leergemeenschap, dan moeten we nog sterker investeren in alle leidinggevenden in het funderend onderwijs, omdat zij bepalend zijn voor de onderwijskwaliteit."

Nieuw perspectief
De Onderwijsraad vindt dat een nieuw perspectief op onderwijsbeleid nodig is. Deregulering en autonomievergroting hebben de verhoudingen veranderd: de overheid moet bij nieuw beleid rekening houden met meer en wisselende belanghebbenden. Dit punt bleef bij de commissie Dijsselbloem op de achtergrond, maar speelt sindsdien een steeds grotere rol. De raad ziet onderwijsbeleid als een dynamisch en cyclisch proces dat vraagt om een andere rol van de overheid. Ten Dam: "Bouw als politiek aan een collectief geheugen, dat draagt bij aan verstandig en duurzaam onderwijsbeleid."
 
Drie aanbevelingen
De Onderwijsraad doet drie aanbevelingen voor de overheid:

  • Laat de overheid zich beperken tot de hoofdlijnen en daarop krachtiger kiezen
  • Zoek naar nieuwe vormen van representatie. Creëer draagvlak door oog en oor te houden voor verschillende stemmen en actief op zoek te gaan naar tegenstemmen, vooral ook in de school.
  • Maak beter gebruik van informatie uit wetenschap en (praktijkkennis van het) onderwijsveld  

Over het advies
In 2008 voerde een commissie onder leiding van toenmalig kamerlid Jeroen Dijsselbloem een parlementair onderzoek uit naar onderwijsvernieuwingen sinds de jaren negentig. De commissie leverde stevige kritiek op het onderwijsbeleid en deed een groot aantal aanbevelingen voor verbetering. De Tweede Kamer vroeg de Onderwijsraad om na te gaan in hoeverre hier lering uit is getrokken. Zijn de concrete aanbevelingen van de commissie Dijsselbloem opgevolgd? Ook wilde de Kamer weten of er veranderingen in beleid nodig zijn om duurzame onderwijskwaliteit te realiseren.

De Onderwijspoort - Vijf jaar naar Dijsselbloem
Donderdag 13 november 2014
16:30-18:00
Locatie: Nieuwspoort, Lange Poten 10 Den Haag

meer informatie en aanmelden: www.hetonderwijscafe.nl

Downloads
Advies Onderwijspolitiek na de commissies Dijsselbloem (pdf)
 
Samenvatting advies

Gepubliceerd op: 2 oktober 2014

Thema's

Doelgroep(en)

Primair onderwijs, Voortgezet onderwijs

 

Deel dit artikel

De jaartaak in het primair onderwijs (Nieuwe versie februari 2018)