Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Bevlogenheid werkt
Goed onderwijsbestuur

Bevlogenheid werkt

Auteur: Carine Hulscher-Slot

Goed onderwijsbestuur en de relatie met onderwijskwaliteit, de cruciale rol van de schoolleider; onderwerpen die in deze rubriek regelmatig aan de orde komen. In het Jaarwerkplan 2015 van de onderwijsinspectie is de kwaliteit van het onderwijs een van de speerpunten. Maar zonder goede en betrokken medewerkers is het onmogelijk goede opbrengsten te behalen en te zorgen voor versterking van de onderwijskwaliteit. Najaar 2014 publiceerden onderzoekers van de Erasmus Universiteit Rotterdam hierover een onderzoek.

In het onderzoek ging het om het toepassen van wetenschappelijke inzichten binnen de onderwijspraktijk. In een periode van drie jaar deden vijfhonderd schoolleiders en meer dan 1.500 leraren vanuit zo’n vijftig besturen in het primair en voortgezet onderwijs mee aan het praktijkgedeelte. Vier thema’s komen binnen het centrale onderwerp ‘bevlogenheid’ aan bod: vitaliteit en duurzame inzetbaarheid, ontwikkeling en groei, passend leiderschap en succesvol veranderen. In het kader van goed onderwijsbestuur zijn vooral de laatste twee thema’s interessant. De onderzoekers spiegelen veel praktijkverhalen aan het Job Demands-Resources model (JD-R model). Dit gaat uit van twee soorten risicofactoren binnen beroepen als het gaat om stress: hulpbronnen en taakeisen. Bij taakeisen gaat het om bijvoorbeeld werkdruk, omgaan met mondige ouders en leerlingen. Hulpbronnen zijn bijvoorbeeld autonomie, steun van collega’s en leidinggevenden, feedback op prestaties.

Passend leiderschap
Het zal niet verbazen dat de onderzoekers stellen dat leidinggevenden een belangrijke rol spelen bij de bevlogenheid van hun medewerkers. Daarbij gaat het niet alleen om de relatie tussen de schoolleider en de medewerkers binnen de school. Ook de relatie tussen bestuurders en schoolleiders is hierin van belang. Sterker nog, de toezichthouder moet het tot zijn taak rekenen het bestuur aan te spreken op de sturing op opbrengsten en kwaliteit. Het komt er dus op neer dat ieder in zijn rol en op zijn plek de bevlogenheid en betrokkenheid moet tonen die nodig zijn om de gestelde doelen voor opbrengsten en kwaliteit te halen. Als we dan toch het vizier op leidinggevenden richten, zien we dat passend leiderschap – of beter gezegd transformationeel leiderschap – bevlogenheid van medewerkers bevordert. De praktijkverhalen ondersteunen in het onderzoek de theoretische inzichten. Transformationele leidinggevenden weten dat iedere medewerker uniek is, dat hij unieke behoeften heeft en dat elke medewerker aandacht nodig heeft. Leidinggevenden die zich door deze principes laten leiden en elke medewerker individueel aanspreken, zorgen ervoor dat elke medewerker voelt dat hij een betekenisvolle bijdrage levert en dat zijn bevlogenheid ertoe doet. Als een leidinggevende zelf bevlogenheid toont, inspireert hij medewerkers bovendien tot het enthousiast werken aan de verbetering van de prestaties van de organisatie.

Succesvol veranderen
Het is bijna een open deur, maar uit het onderzoek blijkt dat bevlogen medewerkers het meest bereid zijn om zich in te zetten voor organisatieveranderingen. Zo’n verandering kan nodig zijn als de opbrengsten van het onderwijs achterblijven of als er om een andere reden een verandering binnen de organisatie nodig is. De bevlogenheid van werknemers kan, zoals we al eerder zagen, onder meer worden bevorderd door autonomie en steun van leidinggevenden. Dat betekent ook dat veranderingen in een organisatie worden gestimuleerd door bevlogen medewerkers. Bevlogen medewerkers zetten zich in voor hun organisatie en passen zich makkelijker aan aan veranderingen. Bij succesvolle veranderingen laten praktijk en theorie zien dat een topdown benadering vergezeld moet gaan van een bottum-up benadering. De rol van medewerkers in een veranderingsproces is van groot belang. Leidinggevenden en bestuurders kunnen niet zonder proactieve medewerkers die met een zekere mate van autonomie kunnen werken aan het verbeteren van de prestaties van de organisatie. Professionele ruimte is ook hier een sleutelbegrip. De onderzoekers stellen terecht dat bevlogenheid in het onderwijs voor alle betrokkenen het verschil maakt. Dat vraagt ook om en professionele cultuur, afspreken en aanspreken en het loslaten van bestaande patronen. Het gedrag van medewerkers bepaalt het succes van de organisatie. Om de missie te kunnen volbrengen, zullen medewerkers het effectieve gedrag moeten vertonen dat daartoe is vereist. En als dat niet of nog onvoldoende het geval is, ligt in het veranderen van gedrag de sleutel tot succes.

Meer weten?
• Het onderzoek ‘Bevlogen in het onderwijs’ van de Erasmus Universiteit Rotterdam, vakgroep Arbeids- en organisatiepsychologie, is te vinden op Arbeidsmarktplatform PO
• Leeuwendaal

Downloads en links
Gepubliceerd op: 9 januari 2015

Verschenen in

Thema's

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

Zicht op pensioen (Herziene versie maart 2018)