Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » 'Beroepsmatige nieuwsgierigheid, daar begint het mee'
Educatieve reis hoeft niet land te gaan vol good practices

'Beroepsmatige nieuwsgierigheid, daar begint het mee'

Auteur: Larissa Pans

Een educatieve reis naar de Italiaanse regio Abruzzo met een intensief programma langs scholen om te zien hoe Italiaanse collega-schoolleiders omgaan met inclusief onderwijs, een fenomeen dat de Italianen al jarenlang kennen. De reis was
ook gericht op het thema ‘Leiderschap in extreme omstandigheden’. De bezochte regio heeft in 2009 te maken gehad met een verwoestende aardbeving en bekeken werd hoe scholen met die rauwe realiteit zijn omgegaan.

Zes schoolleiders van verschillende scholen die elkaar kennen van de master Educational leadership, hebben de traditie om tweejaarlijks een educatieve reis te maken. Dit jaar gingen ze onder leiding van ervaren AVS-organisator Marina Vijlbrief naar de Italiaanse regio Abruzzo. Vijlbrief organiseert al achttien jaar studiereizen voor de AVS, gemiddeld trekt zij er vijf keer per jaar op uit met een groep schoolleiders. De grootste denkfout die veel deelnemers maken: “Ze verwachten voorbeelden in het buitenland te gaan zien die ze één op één willen toepassen in hun eigen school. Dat blijkt bijna nooit te kunnen. Het zijn andere schoolsystemen, ontstaan in een andere politieke en culturele context. Praktische zaken als de inrichting van een school of één element uit het geheel kunnen soms worden overgenomen, maar omstandigheden verschillen vaak erg van die in Nederland.” Waar het dan wel om draait? Vijlbrief: “In een totaal andere omgeving doe je inspiratie op terwijl je 
elkaar professionele feedback geeft.” Zet onderwijsmensen bij elkaar, zegt ze, en “van het ontbijt tot het wijntje aan  het einde van de dag praten ze met elkaar over onderwijs, hun school, de problemen die ze tegenkomen.” Schoolleiders Ina Rook en Harrie Groeneveld, die mee waren naar Italië, noemen dit aspect als grote meerwaarde van een studiereis met vakgenoten. Rook, directeur van so-scholen de Trimaran en de Schakel in Kampen: “De voortdurende intervisie met mijn medereizigers vind ik erg belangrijk. Je leert over je eigen grenzen heen kijken: je moet je eigen model loslaten, net als je eigen aannames. Je bent bezig met je leervraag, je onderzoeksvraag en je krijgt vervolgens veel informatie. Het zet je aan het denken.” Groeneveld, algemeen directeur van De Oorsprong (verschillende christelijke basisscholen in de regio Utrecht), roemt de ‘collegiale consultatie’ tijdens een educatieve reis. “Je kunt je kwetsbaarder opstellen dan je tegenover
collega’s op school zou doen. Mijn medereizigers kennen mij, maar niet mijn organisatie. Dat is prettig. Maar omdat je uit dezelfde sector komt, is er veel herkenning en krijg je goede, gerichte feedback. Ik vond het interessant om te zien dat de Italianen bij de inrichting van hun scholen flexibiliteit voorop stellen. Zowel bij krimp als bij groei bieden de scholen en lokalen verschillende mogelijkheden voor opvang en onderwijs.” 

Vijlbrief vindt een reis geslaagd als het niet alleen bij een mooie, particuliere ervaring blijft. “Als schoolleiders elkaar na afloop nog zien, als zij afspraken maken om bij elkaar op school langs te komen, om ervaringen uit te wisselen.  
Beroepsmatige nieuwsgierigheid, daar begint het allemaal  mee. Als je in the blind gaat kijken of in het wilde weg wat vraagt tijdens een educatieve reis, zie en hoor je niets.”

Eén grote bouwput
Onderdeel van de studiereis in de regio Abruzzo was ook het bezoek aan Fontecchio, de door de aardbeving in 2009 zwaar getroffen stad. Bekeken werd hoe scholen omgingen met die ramp, en of en hoe het ze lukte om te komen tot onconventionele oplossingen in uitzonderlijke situaties. Rook: “Alles was kapot en mensen waren getraumatiseerd. De school was toen heel belangrijk, had een duidelijke rol en zorgde voor continuïteit.” Ook bij Groeneveld doemt meteen het beeld op van de algemeen directeur en de burgemeester van L’Aquila die samen de schouders eronder hebben gezet om de getraumatiseerde kinderen na de aardbeving hun ‘gewone’ leven terug te geven. “Zeshonderd mensen vonden de dood bij een aardbeving die wij alweer vergeten zijn. Het is daar nog steeds één grote bouwput, en ieder kind had wel een omgekomen ouder, familielid of vriendje. De directeur en burgemeester samen hebben veel tijd en energie gestoken in het organiseren van traumaverwerking, door de kinderen er veel over te laten praten, maar ook door hen te laten spelen en knutselen. De overheid wilde voor een fooi noodgebouwen neerzetten, maar zij hebben zich ingespannen om samen met sponsors een nieuw, mooi schoolgebouw neer te zetten waar alle soorten kinderen bij elkaar zitten en waar inclusief onderwijs wordt gegeven. Heel indrukwekkend.”

Krassende stoelpoten
Opmerkelijk genoeg hoeft een studiereis helemaal niet te gaan naar een land vol good practices. Het meemaken van de weerbarstige (school)praktijk elders is een van de elementen die een educatieve reis de moeite waard maken. Voor deze
studiereis gold bijvoorbeeld dat Passend onderwijs in Italië niet het lichtende voorbeeld bleek te zijn. Daar kwamen de deelnemers achter tijdens hun bezoeken aan klaslokalen. Groeneveld: “Ze zijn zelf trots op hun invulling van Passend onderwijs, maar wat mij opviel was dat er weinig sprake is van integratie. Een kind met Down of een andere zichtbare handicap heeft een eigen begeleider op school. De leraar is natuurlijk blij met extra hulp in de klas, maar de consequentie is dat de begeleider alles doet met het kind en de andere kinderen niet samen met het gehandicapte kind spelen of leren. Zelfs als ze ’s middags warm eten, zit het kind aan een apart tafeltje te eten met de begeleider. Terwijl mijn idee van inclusief 
onderwijs is dat alle typen kinderen samen opgroeien in een klas. En er is geen extra hulp voor kinderen met een ‘onzichtbare’ handicap, zoals autisme.” Rook is eveneens kritisch: “In Italië is er na het voortgezet onderwijs geen plek voor leerlingen met een beperking. In het voortgezet speciaal onderwijs (cluster 3) in Nederland wordt veel aandacht besteed aan arbeidstoeleiding en stage. In Italië heb ik daar niets over gehoord. Vaak komen kinderen thuis en blijven ook thuis.” Het beeld dat Rook bijblijft van de studiereis, is eigenlijk wel een trieste: “Ik zie meteen dat jongetje voor me dat werd begeleid door een special needs teacher. Ze volgde hem als een schaduw. De omgeving was erg lawaaierig. Juffen spraken hard, plavuizen op de grond en krassende stoelpoten. Dat lawaai maakte hem druk en onrustig. Alleen een extra leraar erbij kan het lawaai en de onrust niet wegnemen, de omgeving zal zich moeten aanpassen. Ik realiseerde me toen: inclusie kan en is prachtig, mits het maatschappelijk wordt gedragen. Anders werkt het niet. Maar de warme en gewone manier waarop leraren, directie en bestuur spraken over inclusie, bijna de verbazing: gaan zorgleerlingen bij jullie naar een speciale
school? Volgens mij is die levenshouding een mooie basis voor Passend onderwijs.”

Het Salamanca-akkoord
Nederland heeft samen met andere landen in 1994 de zogenaamde Salamanca Verklaring ondertekend. In deze verklaring, die is opgesteld door de UNESCO, staat dat landen zich maximaal moeten inspannen om leerlingen met special educational needs (zorgleerlingen) in het regulier onderwijs een plek te geven. Kinderen die speciale zorg nodig hebben, moeten toegang krijgen tot “regular schools who should accommodate all children, regardless of their physical, intellectual, social, emotional, linguisticor other conditions”. In Italië wordt al jarenlang inclusief onderwijs gegeven, in Nederland geldt vanaf 1 augustus 2014 de wet Passend onderwijs.

Gepubliceerd op: 4 september 2014
Let op!
Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.

Verschenen in

Kader Primair 1 (2014-2015) (Verder in dit nummer)

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

De jaartaak in het primair onderwijs (Nieuwe versie juni 2019)