Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Vereniging » Helpdesk » Veel gestelde vragen » Bestuurs- en schoolniveau - keuze voor het overleg- of basismodel


Veel gestelde vragen - Bestuurs- en schoolniveau - keuze voor het overleg- of basismodel

Hoe kom je op bestuurs- en schoolniveau tot de keuze voor het overleg- of basismodel bij de uitwerking van de nieuwe CAO PO?

Auteur: Jan Stuijver

De AVS Helpdesk krijgt veel vragen over de uitwerking van de CAO PO 2014-2015 op bestuurs- en schoolniveau. Scholen krijgen daarmee de mogelijkheid om te werken met het overleg- of basismodel. Het besluit om over te gaan tot een model wordt door het bestuur als voorgenomen besluit voorgelegd aan de PGMR. Die heeft hierover instemmingsrecht. Het bestuur kan ook besluiten om beide modellen als mogelijkheid aan de scholen aan te bieden. De directeuren kunnen dan met het team en de PMR een keuze maken.

Het genomen besluit wordt vervolgens voorgelegd aan de PMR van iedere afzonderlijk school ressorterend onder de stichting. Het advies is om voordat een schoolleider het besluit van het bestuur (goedgekeurd door de PGMR) voorlegt aan de PMR, eerst draagvlak verkrijgt bij het team. Meer dan de helft van het team moet het met het besluit eens zijn. Als het team geen meerderheid heeft en de PMR is vervolgens wel voor instemming, kan het besluit om over te gaan naar het andere model nog niet doorgaan. Er is door de cao-partners voor deze constructie gekozen om zeker te zijn van draagvlak bij de teams van de scholen.

Als een bestuur besluit om niet over te gaan tot het overlegmodel maar het team en de PMR willen dat eigenlijk wel, dan luidt het advies om als PMR een ongevraagd advies aan het bestuur te geven met het verzoek om bijvoorbeeld als pilotschool wel met het overlegmodel te gaan werken. De ervaringen kunnen dan gebruikt worden bij de overwegingen om in het volgende jaar wel een voorgenomen besluit te nemen om over te stappen naar het overlegmodel.

Als er gekozen is voor het overlegmodel wordt na drie jaar geëvalueerd wat de ervaringen zijn.

Verschil
Het overlegmodel gaat niet meer uit van het maximum uren lestijd van 930 uur (zie CAO PO artikel 2.1 en 2.2). Scholen kunnen hierdoor meer op maat en vanuit de eigen specifiek context de inzet van het personeel in de werktijd organiseren. Dat is een uitvloeisel uit het veld, opgenomen in het Innovatieschrift dat als uitgangspunt is gehanteerd bij de onderhandelingen over de nieuwe cao. Dit was eerder ook al mogelijk in het basismodel. Het verschil is nu dat er bij het basismodel met schriftelijke instemming van de medewerker jaarlijks meer lesuren of lesgebonden en/of behandeltaken dan 930 uur kan worden overeengekomen. Dit is niet mogelijk bij het eerste jaar van indiensttreding. Kortom: de keuze voor het overlegmodel geeft meer ruimte om als directeur in overleg met het team te komen tot een voor de eigen school zo optimaal mogelijke inzet van alle medewerkers. Jaarlijks bespreek de schoolleider met het team de inzet van het personeel, rekening houdend met de wensen van de individuele medewerker.

Trefwoorden: CAO PO, CAO 2014, Bestuur

Verschenen in Kader Primair 7 (2014-2015)

Gepubliceerd op: 5 maart 2015