Introductiepagina - De week van Ton
De week van Ton

  Mijn AVS | Contact | Disclaimer | Adverteren | Nieuwsbrief | RSS | Over de AVS | Inloggen  

 Zoeken  Professionalisering  Vereniging  Dossiers

 
Home > De week van Ton

Ton DuifDe week van Ton
Voor leden van een vereniging blijft het vaak onduidelijk wat een bestuur of voorzitter nu eigenlijk precies doet. In ‘De week van Ton’ kunt u alles lezen over het werk van AVS voorzitter Ton Duif en reageren (inlog vereist).

Een prettige vakantie gewenst!

Beste Lezers

De week van Ton gaat op vakantie tot eind augustus 2010. Niet Ton zelf! Ik wens alle lezers, leden en medewerkers een prettige vakantie toe en een gezonde en uitgeruste start voor het schooljaar 2010-2011 alweer.

Met vriendelijke groet

 

Ton Duif

En Nu?

Nederland heeft gesproken. De uitslag van de verkiezing is niet mals. De enorme winst van de PVV vind ik persoonlijk zorgelijk. Dat partijen als de PVV een belangrijke rol spelen om ongenoegens in de maatschappij te kanaliseren vind ik een goed zaak. Dat mensen bezorgd zijn hoe de Nederlandse samenleving zich ontwikkelt is eigenlijk van alle tijden. Maar de massale steun die Wilders cs nu krijgen op een toch bedenkelijk politiek programma geeft mij een gevoel van schaamte. We zijn allang niet meer een tolerant landje. Ik krijg inmiddels ook collegiale vragen vanuit mijn internationale netwerk wat deze ontwikkeling nu gaat betekenen. En eerlijk gezegd, wie het weet mag het zeggen. Dat de PVV fractie ineens naar 24 zetels wordt uitgebreid zal zeker niet zonder risico’s zijn. Het gevolg kan zijn dat we snel in een zeer onstabiel politiek vaarwater komen.

Wat deze ontwikkelingen voor onderwijs gaan inhouden is nog meer onzeker. Wordt het links, wordt het een rechts kabinet? Zeker is dat de AVS alle betrokken partijen zal houden aan hun beloftes met betrekking tot investeren in kennismaatschappij en onderwijs. Maar deze investeringen kunnen gepaard gaan met een vergroting van de politieke invloed op het onderwijs. Terecht vragen politici van alle partijen ons wat we met de extra investeringen gaan doen; hoe wij hen de verzekering kunnen geven dat we daarmee Nederland terug kunnen brengen in de top 5. Als we dat niet goed kunnen uitleggen zal de centrale overheid naar middelen zoeken om dat af te dwingen. Centrale toetsen, entree toetsen, rankings en alle negatieve aspecten die daar bij horen. In de laatste KP van dit schooljaar verschijnen twee artikelen van schoolleiders uit respectievelijk Amerika en het Verenigd Koninkrijk, landen die daar al jaren veel ervaring mee hebben. Nederlands onderwijs: let op uw zaak!

In 10 jaar naar de TOP!

Gisteren heeft de voorzitter van de PO-raad mevrouw Kete Kervezee een tien jarenplan aangeboden met als titel “PACT primair onderwijs aan de voorzitter van de SER Alexander Rinnooy Kan. De PO-raad neemt in dit plan het voortouw als het gaat om de verbetering van het primair onderwijs. Dat hoort ook gezien het belang en de positie van een sector organisatie. Het plan zelf is niet alleen ambitieus maar focust ook in op de juiste verbeterpunten.  Het gaat daarbij vooral om verbetering van de kwaliteit, terugdringen van het aantal (zeer) zwakke scholen, een forse professionaliseringsimpuls, een register voor leraren, betere schoolgebouwen maar vooral ook meer talent in de school. We willen in 10 jaar weer in de top van de internationale rankings. Van het nieuw te vormen kabinet verwacht de PO-raad niet alleen instemming met deze ambitie maar vooral ook de investeringen die daarvoor nodig zijn ook in een nieuw regeerakkoord op te nemen.  De AVS staat vierkant achter dit streven en zal daar waar mogelijk ook het plan helpen realiseren. Maar dat kan niet zonder schoolleiders, bestuurders, leraren en ouders. Het kan echt allemaal nog veel beter. Onze kinderen zijn het waard!

Onderwijs slimmer organiseren?

Kort geleden verscheen van de werkgroep onder leiding van Rinnooy Kan een prikkelende brochure met als titel: “onderwijs kan zoveel slimmer”. De werkgroep is voortgekomen uit de adviesgroep “Leerkracht’ . Er staan veel lezenswaardige zaken in de brochure. Het gaat dan vooral om de verhoging van de productiviteit van het onderwijs in het licht van de uitdagingen waar we voor staan. Uitdrukkelijk stelt de werkgroep dat de brochure vooral is bedoeld als aanzet voor een dialoog. Als je dat wilt moet je ook prikkelend zijn, anders valt er niets te ‘dialogen’.  Naast veel opmerkelijke uitspraken vallen twee zaken uitdrukkelijk op: er ontbreekt een grondige analyse hoe onderwijs zich de komende jaren zal /zou/moeten ontwikkelen en er worden angstaanjagende uitspraken gedaan over ranking van scholen op het gebied van leeropbrengsten.

De analyse is erg arbeidsmarkt georiënteerd, geleid door de zorg om het leraren tekort. Maar het tekort aan leraren zullen en kunnen we niet oplossen, hooguit mitigeren,  binnen het huidige bestel en rekening houdend met de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. We zullen onderwijs daarom ook echt anders moeten gaan organiseren, geen woord hierover in de brochure. Geen woord over leerkracht differentiatie, meer MBO’ers voor de eenvoudige taken naast hogeren beter  opgeleide professionals. Onderwijs  aan kinderen wordt vooral bekeken  vanuit het oogmerk van markt productie. De termen  ‘meten, standaardiseren, begin – en eindtoetsen, en inspectie’ komen dan ook veel voor. Inspectie zou sterren moeten uitdelen aan scholen zodat ouders meteen weten hoe goed de school is. Dat deze systemen perverse bijwerkingen hebben is bekend. Op dit moment vindt en Engeland een staking plaats van scholen tegen het massale toetscircus dat het onderwijs al jaren belaagt en corrumpeert,  aangewakkerd en gestuurd door de overheid. Laten we vooral blijven praten hoe het beter kan. Daarvoor is deze brochure zeer geschikt; al is het maar omdat er, naast veel goede suggesties,  uitgangspunten in staan die we zeker niet zouden moeten willen volgen.

De school van de Toekomst

Een aantal maanden geleden heb ik een lezing gegeven aan een groep internationale onderwijsgevenden die op studiebezoek waren in Nederland. Dit bezoek vond plaats in Utrecht en had als titel  "Quality in Education". Tot zo ver niet veel bijzonders, ik doe dit wel vaker. Nou kreeg ik van de week het verslag terug van deze internationale groep met daarin ook een weergave van mijn inleiding. Nou vertel je in 2 uur een hoop over Nederland en ons onderwijssysteem maar één zinsnede, die aan mij werd toegeschreven, viel me bijzonder op. “We hebben gebouwen,  ontworpen voor de 19e eeuw; we hebben leraren die geschoold zijn in de 20e eeuw en leerlingen die leven in de 21e eeuw” . Kijk, als je dat van jezelf terug leest valt het meteen op. Er zit, achteraf gezien, meer in dan ik me op dat moment eigenlijk realiseerde. Onze gebouwen bestaan voor het overgrote deel nog steeds uit lokalen van 7m x 7m met een gang ervoor. Verre weg de meesten van onze docenten hebben hun opleiding in de 70 en 80 en 90er jaren genoten, ik hoor daar zelf ook bij.  Onze leerlingen groeien in een geheel andere wereld op dan wij, een (technologische) wereld die wij zelf gecreëerd hebben en gek genoeg  met moeite toegang  tot hebben. De verschillen tussen mijn wereld en die van mijn vader zijn veel kleiner dan  wereld van de leerlingen van nu verschilt van die waarin wij gevormd werden. En het wordt nog erger; kinderen die nu met vier jaar onze school binnen komen treden over pakweg 15 jaar toe tot de arbeidsmarkt. Hoe ziet de wereld er dan uit? Ik daag u uit in gedachten terug te gaan naar 1995. Hoe zal die wereld er uitzien in 2025?  Wie het weet mag het zeggen.  Onze kinderen hebben recht op onderwijs dat hen voorbereidt op de maatschappij van de toekomst. Dat zal moeten gebeuren in de school van de toekomst. Hoe die er uit ziet? Misschien moeten we het hen zelf eens vragen…

1 - 5 Volgende

 ‭(Verborgen)‬ Beheerkoppelingen

 
         
   
       
   
       
   
         
   
Professionalisering   Vereniging   Dossiers   Overig
 
 
 
Aanmelden