Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Voor iedereen een school op maat
Zegeningen en valkuilen van een nog ruimere schoolkeuze

Voor iedereen een school op maat

Auteur: Marijke Nijboer

Een school starten op basis van onderwijs- of mensvisie wordt makkelijker, dankzij het wetsvoorstel ‘Meer ruimte voor nieuwe scholen’. Maar: zitten kinderen straks dan alleen met ‘ons soort mensen’ op school? Moeten we vrezen voor wildgroei? En wat betekent de komst van allerlei nieuwe scholen voor krimpgebieden?

Het wetsvoorstel van Sander Dekker komt niet uit de lucht vallen: de Onderwijsraad adviseerde al in 2012 om ruimte te scheppen voor nieuwe scholen. Dat advies werd ingegeven door een geleidelijke, maar ingrijpende maatschappelijke verandering die al in de jaren zestig op gang kwam. De zuilen, die decennialang dicteerden naar welke school kinderen gingen, zijn langzaam verbrokkeld. Het kerkbezoek nam af. Traditie en saamhorigheid maakten in veel gevallen plaats voor rationeel denken en streven naar individueel succes.
Er is nog steeds behoefte aan verdieping, maar daarvoor volgt ieder z’n eigen pad. Ouders kiezen bewust voor een school en leggen de lat hoog. Hun kinderen moeten niet alleen goed leren lezen, schrijven en rekenen, maar ook de juiste bagage meekrijgen om zich maximaal te ontplooien en zich te kunnen redden in de maatschappij. Hoe die bagage er precies uit moet zien, hangt af van hun mensen wereldbeeld.
Het overzichtelijke Nederland is veranderd in een mozaiek. De vertrouwde biblebelt, die loopt Van Zeeland via de Veluwe naar Overijssel, wordt doorkruist door de ‘Steinerbelt’: een zone met scholen op antroposofische basis, die loopt van Haarlem via Zeist naar Nijmegen. Daarnaast zoeken in het hele land ouders en onderwijsmensen naar eigentijdse vormen van onderwijs.

‘Shopgedrag’ of creativiteit
De sector- en andere onderwijsorganisaties zijn voorzichtig positief over de ‘richtingvrije planning’ waar het wetsvoorstel ruimte voor maakt (zie kader voor standpunt AVS). Ronduit negatief daarentegen is Verus, de vereniging voor christelijk en katholiek onderwijs. Het huidige onderwijsstelsel sluit volgens Verus goed aan op de wensen van ouders. Het stimuleren van de stichting van nieuwe scholen zou ten koste gaan van de kwaliteit, shopgedrag in de hand werken en voor onrust zorgen in het onderwijsveld.
Wat het wetsvoorstel in Amsterdam losmaakte kun je onrust noemen, of opborrelende creativiteit. Maar liefst 124 initiatieven kwamen voort uit een oproep van de gemeente en Kennisland onder de noemer ‘Onze nieuwe school’. Uit de 15 geselecteerde plannen zijn eind januari vier winnaars geselecteerd. Deze scholen worden daadwerkelijk opgericht. Een van de juryleden, hoogleraar Onderwijskunde Monique Volman: “Ik was aanvankelijk heel sceptisch. Er kon gestemd worden via Facebook en Twitter. Ik vond dat je niet zo populistisch met onderwijs om moest gaan. Bovendien leek het alsof iedereen met een goed idee een nieuwe school kon stichten. Onderwijs maken is een vak. Maar nu ik gezien heb wat een creativiteit, positief denken en goede gesprekken over onderwijs hierdoor zijn losgemaakt, ben ik heel enthousiast.”

Onze Amsterdamse School
Eén van de plannen was Onze Amsterdamse School. Deze school behoort niet tot de uiteindelijke winnaars (zie kader), maar komt er misschien toch: de oprichters zijn in gesprek met schoolbestuur Amos. Medeoprichter Elize Jong: “Scholen zouden kinderen moeten voorbereiden op de echte wereld, maar dat gebeurt te weinig. Wij willen naast kennisoverdracht aandacht voor persoonsontwikkeling en de sociale kant. We gaan gebruikmaken van de buurt. Ondernemers geven lessen en ook ouders krijgen een grote rol. Er komt een flexplek waar ouders kunnen werken. Van daaruit kunnen zij op gezette tijden hun kinderen begeleiden of de school ondersteunen.” De school moet verrijzen in Amsterdam- West, waar veel jonge gezinnen wonen. “Helaas zie je hier nog altijd zwarte en witte scholen. Wij willen graag een gemengde school.”
De oprichters zijn de buurt in geweest en verzamelden 25 aanmeldingen. Jong: “Ik verwacht dat de behoefte nog veel groter is. We hebben een stadsbrede enquête gehouden, waaruit heel duidelijk blijkt dat ouders een brede ontwikkeling willen voor hun kinderen.”

Nieuwe verzuiling
Net als bij de ouderwetse zuilen, zitten kinderen van één achtergrond bij elkaar op school, als voortvloeiend uit het wetsvoorstel allerlei nieuwe scholen ontstaan. De antroposofen, de ict-adepten, de kunstzinnigen en de hoogbegaafden: allemaal op hun eigen aparte scholen. Is dat niet ongewenst gezien de zeer diverse samenleving waarin zij straks terechtkomen? Jong geeft toe dat haar school een zekere selectie zal toepassen. “Ouders moeten wel achter ons concept staan.” Toch verwacht zij een heterogeen ouderbestand. “De ouders die zich via de website inschrijven zijn hoger opgeleid en zoeken actief naar een school. Doordat wij ook de straat opgaan, krijg je een gemêleerder gezelschap. Ik zou het verschrikkelijk vinden als we een ‘ons kent ons’-sfeertje zouden krijgen. Dat risico bestaat, maar vloeit voort uit de vrije schoolkeuze in Nederland. Of je nu scholen sticht vanuit geloof of onderwijstype, je krijgt altijd een soort natuurlijke selectie. Als schoolleiding moet je zorgen dat dat niet leidt tot eenvormigheid. Het is goed voor kinderen om zoveel mogelijk verschillende soorten mensen te kennen.”

Ook hoogleraar Volman is niet zo bang voor eenkennigheid. “Dat wij/zij-denken zie je volgens mij vooral tussen de schoolbesturen in de grote steden. Die concurreren met elkaar om dezelfde leerlingen. Ik denk juist dat de vernieuwingsscholen meer openheid met zich mee brengen en een gemêleerd publiek aantrekken. Op de vrije scholen zie je bijvoorbeeld antroposofische ouders, maar ook veel kinderen die op de creatieve aanpak afkomen. Ik ben niet bang voor verkokering; ik zie vooral diversiteit en keuzemogelijkheden.”

Wildgroei
Het voordeel van een onderscheidend profiel is dat je daarmee goed kunt concurreren. Zal er, wanneer de wet is aangenomen, geen wildgroei ontstaan? Verus voorspelt bijvoorbeeld een toename van ‘hypescholen zoals de Gooise hockeyschool of de Powerfoodschool’. Ook Bert Verkade, directeur van de Oranje Nassauschool in Badhoevedorp, maakt zich zorgen. Hij vreest dat het onderwijs hetzelfde lot zal ondergaan als de kinderopvang. “Die bedrijfstak is deels in handen gevallen van Amerikaanse durfinvesteerders. Zij hebben volop geld verdiend dat voor een deel door de Nederlandse belastingbetaler is bijeengebracht. Estro (met onder andere B4kinds en Catalpa), Nederlands grootste kinderopvangorganisatie, is vervolgens failliet gegaan. Ik betwijfel of de kwaliteit van de kinderopvang daarmee verbeterd is.”

Verkade denkt niet dat controle op de kwaliteit voldoende bescherming zal bieden. “Ook de kinderopvang werd streng gecontroleerd en uiteindelijk ging het toch mis.” Hij acht het denkbaar dat bestaande scholen straks worden weggedrukt door een grote onderwijsketen, die winst maakt door met gedwongen winkelnering zelf leermiddelen en professionalisering te leveren aan de eigen scholen. “Het onderwijs is een van de basisvoorzieningen waarvan de staat zou moeten zeggen: dit is zo belangrijk, hierbij willen we geen experimenten.”

Krimpgebieden
Vooruit, nog één punt van zorg dan. Want hoe vergaat het straks de scholen in krimpgebieden, wanneer op reisafstand in de stad aantrekkelijke scholen verrijzen? Volman: “Zulke scholen zouden een aanzuigende werking kunnen hebben voor het platteland. Mensen zijn in staat om te verhuizen voor een technasium of een tweetalige school.” Ook in de Haarlemmermeer, bij het bestuur van Verkade, wordt de krimp langzaam zichtbaar. De directeur voorziet ‘een kleine ramp’. “Zo wordt de spoeling voor de bestaande scholen nóg dunner.” OCW heeft het wetsvoorstel met het oog op krimp wel enigszins aangepast. Rosanne Mulder, beleidsmedewerker bij OCW, sprak in september 2015 bij de AVS met schoolleiders. Hun input is gebruikt om het wetsvoorstel verder aan te scherpen. Mulder: “Zo is nu bijvoorbeeld de verplichting opgenomen dat een initiatiefnemer de beoogde start van een school meldt aan de andere schoolbesturen in de regio. Hiermee wordt tegemoet gekomen aan de samenwerking die in gebieden met leerlingendaling nodig is om te zorgen voor een toekomstbestendig onderwijsaanbod. Bestaande en nieuwe scholen kunnen dus al voor de start van een nieuwe school met elkaar in overleg over het aanbod in de regio.” Schooldirecteur Verkade meent dat bestaande scholen zelf ook meer kunnen doen. “Ik denk dat scholen beter moeten luisteren naar wat ouders willen en duidelijk moeten aangeven wat er mogelijk is.” Zijn eigen school (ruim 500 leerlingen) is protestants-christelijk, met veel ruimte voor andersdenkenden. Twee derde van de ouders heeft geen religieuze achtergrond. “Je moet meebewegen. Niet alles kan, maar een heleboel wél. Dan is een nieuwe school misschien helemaal niet nodig.”

‘Echt leren’
Tenslotte toch nog even terug naar de zegeningen van een ruime schoolkeuze. Jurylid en hoogleraar Volman, terugblikkend op de ingediende plannen voor een nieuwe school in Amsterdam: “Je ziet waar mensen behoefte aan hebben en waar ze genoeg van hebben in het bestaande onderwijs. Mensen willen betekenisvol onderwijs, weg van de traditionele vakken en meer denken vanuit ontwikkelingen in de samenleving. Wij zagen opvallend veel aanvragen voor een doorlopende leerlijn van kleuter of zelfs 0 tot en met 18 jaar. Men wil af van die kunstmatige scheidingen en heeft genoeg van het toetsen en testen. De vernieuwers hechten niet aan scores, maar aan echt leren.”

Reageren op het concept wetsvoorstel ‘Meer ruimte voor nieuwe scholen’ kan tot en met 29 februari aanstaande via www.internetconsultatie.nl/meerruimtevoornieuwescholen

Meer over ruimte voor nieuwe scholen op het AVS-congres 2016 Publicist en adviseur Wilbert van Leijden verzorgt tijdens het AVS-congres op 18 maart aanstaande de plenaire sessie ‘Van verzuiling naar mozaïek, in samenleving en onderwijs’. www.avs.nl/congres2016

‘Zorgvuldigheid geboden’

De AVS juicht toe dat er ruimte voor nieuwe scholen komt. Het is een goed basisprincipe dat er een nieuwe school kan worden opgericht wanneer voldoende ouders dit willen. De afspraken en criteria om nog meer vrijheid van onderwijs mogelijk te maken moeten wel helder, haalbaar en realistisch zijn. De effecten van deze nieuwe wetgeving zijn op een aantal gebieden nog onduidelijk. Er zijn een aantal parallelle thema’s nog onvoldoende uitgewerkt, die wel invloed hebben op de uitwerking van de wet. Voorbeelden zijn de leerplichtwet, het wetsvoorstel toekomstbestendig onderwijs, de nieuwe fusietoets, al dan niet in relatie tot de wetgeving samenwerkingsscholen en krimpgebieden. Ook de toekomstige bekostigingssystematiek is nog niet duidelijk. Het oprichten van nieuwe scholen zou moeten worden betrokken bij de regionale plannen. Op veel plaatsen wordt nu al inhoud gegeven aan een dekkend aanbod van onderwijs en zorg in het po en vo. Kwaliteit is daarbij altijd leidend. Het oprichten van nieuwe scholen heeft hoogstwaarschijnlijk marktwerking tot gevolg. Dat pakt in publieke of dienstverlenende sectoren niet altijd gunstig uit. Zorgvuldigheid is daarom geboden.

Stichten school blijft flinke klus
Het wordt gemakkelijker om een school te stichten gebaseerd op een pedagogisch principe in plaats van op een geloofsrichting.
Maar het blíjft een omvangrijke klus, blijkt uit nadere bestudering van het wetsvoorstel ‘Meer ruimte voor nieuwe scholen’.
Huidige eisen Eisen straks
Aantonen dat je op basis van richting voldoende leerlingen kunt verwachten
Laat de belangstelling voor je school meten
door middel van ouderverklaringen
of marktonderzoek
De te verwachten kwaliteit speelt vooraf geen rol Onderga een kwaliteitstoets door de inspectie
Drie maanden voor de start wordt er gekeken naar de bevoegdheid van leraren en de inrichting van de onderwijstijd
Al bij de aanvraag geef je inzicht in zaken als de bevoegdheid
van leraren, het leerling- en onderwijsvolgsysteem, onderwijstijd
en -aanbod, kwaliteitszorgsysteem, burgerschapsonderwijs,
zorg voor de veiligheid van leerlingen, meerjarenbegroting,
bestuur van de school, personeelsbeleid en
huisvestingsplannen

Gepubliceerd op: 10 februari 2016

Verschenen in

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

CAO PO 2016-2017 salaristabellen