Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Coalitie en oppositie tegenover elkaar in debat Onderwijsbegroting

Coalitie en oppositie tegenover elkaar in debat Onderwijsbegroting

Als het aan de coalitie ligt, komt de 270 miljoen voor het verbeteren van lerarensalarissen alleen vrij als de cao wordt ‘gemoderniseerd’. De oppositie wijst op de toenemende werkdruk van leraren en dringt erop aan de middelen voor het verminderen daarvan naar voren te halen.

De behandeling van de onderwijsbegroting in de Tweede Kamer, die gisteren en vandaag plaatsvindt, laat zien dat er grote verschillen zijn tussen de opvattingen van de coalitiepartijen en die van de oppositie als het gaat om de inzet van middelen. In het Regeerakkoord staat dat er 270 miljoen komt voor verhoging van de salarissen en 10 miljoen, oplopend tot 430 miljoen in 2021, voor het verminderen van de werkdruk. Lisa Westerveld van GroenLinks vindt die 10 miljoen komend jaar onvoldoende: “Dat is ongeveer 7 euro per kind. Je hoeft geen rekentoets gehaald te hebben om te beseffen dat dit echt onvoldoende is om die eerste stap te zetten.” Daarnaast is ook in het voortgezet onderwijs de werkdruk hoog:  “In het voortgezet onderwijs wordt voor de werkdruk in het regeerakkoord niets uitgetrokken, dus nul komma nul euro.” Zij vraagt om het terugdringen van het aantal lesuren in het vo.  

De coalitie koppelt de lerarensalarissen aan de uitkomst van de cao-onderhandingen. Leraren krijgen op basis van hun cao bij ziekte of werkloosheid een hogere uitkering dan wettelijk verplicht is. De regering wil dat deze bovenwettelijke uitkeringen worden afgeschaft of versoberd. Rudmer Heerema, VVD: “Het kan wat ons betreft niet zo zijn dat we de bovenwettelijke regelingen in stand houden, maar wel overgaan tot het overmaken van de middelen.” Peter Kwint (SP) vindt dat raar: “Het is noodzakelijk om te investeren in leraren. Maar u wacht wel af wat er uit de cao-onderhandelingen komt en zegt: als het ons niet zint, blijven we lekker op die zak geld zitten. Is het nou noodzakelijk of niet?”

Ook over de lumpsum is men het niet eens. Volgens Harm Beertema  (PVV) verdwijnt er veel geld in de bureaucratische onderwijspolder. De lumpsum zorgt ervoor dat de politiek dat niet kan corrigeren, waardoor extra geld voor leraren niet op de juiste plek terechtkomt. “Wat mij betreft is de enige oplossing om 80 procent rigoureus te oormerken voor het primaire proces van lesgeven.” Rudmer Heerema zegt: “Scholen maken zelf de keuze waaraan ze geld besteden. De lumpsum hoeft niet op de kop. We moeten wel leren en de lumpsum doorontwikkelen, met als doel optimale vrijheid, maar ook verantwoordelijkheid. Dat kan bijvoorbeeld door glasheldere bestuurlijke afspraken te koppelen aan de extra middelen om de werkdruk in het primair onderwijs te verlagen.” 

Op 12 december vindt er een nieuwe staking van leerkrachten plaats om de eis voor meer geld kracht bij te zetten.

Gepubliceerd op: 7 december 2017

Doelgroep(en)

Primair onderwijs, Voortgezet onderwijs

 

Deel dit artikel

Naar andere schooltijden, en dan? (Herziene versie september 2017)